Uit onderzoek is gebleken dat Ayaan Hirsi Ali volgens het Somalische namenrecht de naam Ali mocht voeren. Minister Verdonk concludeert daarom dat Hirsi Ali 'het Nederlanderschap inderdaad heeft verkregen'.

Aanleiding
Op 11 mei 2006 verklaarde oud-Tweede Kamerlid Ayaan Hirsi Ali in het tv-programma Zembla dat zij een andere naam en geboortedatum heeft dan vermeld is in het naturalisatiebesluit. Mede op basis hiervan constateerde minister Verdonk (Vreemdelingenzaken en Integratie) dat Hirsi Ali 'geacht wordt het Nederlanderschap niet te hebben verkregen'. Verdonk schrijft dat zij daarmee heeft gehandeld 'zoals ik in alle vergelijkbare gevallen handel'.

De naam 'Ali'
In een reactie hierop verklaarde de gemachtigde van Ayaan Hirsi Ali dat:
zij de naam Ayaan Hirsi Ali kon voeren, omdat haar vaders vader bij geboorte de naam Ali heeft verkregen en de naam Magan pas later heeft verworven;
zij gedwaald heeft in haar uitlatingen dat zij over haar identiteit heeft gelogen.
Hirsi Ali mocht de naam ook gebruiken omdat twee andere voorvaderen die naam droegen. Verdonk heeft deze argumenten getoetst aan getuigenverklaringen en een ambtsbericht van de minister van Buitenlandse Zaken.

Nederlanderschap
Uit dit onderzoek blijkt dat er voldoende reden is om 'thans in rechte aan te nemen dat het naturalisatiebesluit de juiste naam bevat'. De onjuistheid van het geboortejaar is volgens Verdonk 'op zichzelf onvoldoende om de identificatie van betrokkene in twijfel te stellen'.

Verdonk: 'Alles in aanmerking nemende ben ik tot de conclusie gekomen, dat het naturalisatiebesluit van 1997 mevrouw Ayaan Hirsi Ali voldoende identificeert en dat zij daarom het Nederlanderschap inderdaad heeft verkregen.'

Onderzoek
Verdonk kondigt aan dat zij begint aan een onderzoek naar het wettelijk systeem voor nationaliteit en identiteit. Dit doet zij op verzoek van de Tweede Kamer. Sinds 2000 hebben onjuiste identiteitsgegevens in 74 zaken geleid tot een voorlopig of definitief oordeel 'dat geen rechtsgevolg kan worden verbonden aan de verlening van het Nederlanderschap'. In 52 gevallen staat vast dat de betrokkene geen Nederlander is geworden.

Verdonk houdt voorlopig alle zaken aan waarin sprake is van onjuiste persoonsgegevens en waarin nog geen definitief oordeel is gevormd over het Nederlanderschap, in ieder geval tot het onderzoek naar het wettelijk systeem.

Bron: MinJus