Van oudsher heeft het platteland een gezond imago. Het leven op het platteland is idyllisch en minder gejaagd. Er is rustgevende natuur, terwijl de gezondheidszorg er minstens zo goed is als in de steden. Maar de agrarische sector heeft het moeilijk: varkenspest, BSE, mond- en klauwzeer en vogelgriep hebben de laatste jaren toegeslagen. En lage prijzen en knellende regelgeving dragen ook al niet bij aan een vrolijke stemming. Een deel van die problemen speelden ook al in de jaren '80 en '90, en veel boeren gooiden het bijltje er dan ook bij neer.

Toch bezoeken boeren, net als in 1987, hun huisarts à³à³k minder met psychische klachten. Of ze daar ook werkelijk minder last van hebben dan de rest van de bevolking is echter de vraag. NIVEL onderzoeker Robert Verheij: "Mogelijk zijn boeren met name bij psychische problemen minder geneigd om de dokter te raadplegen. En verder kan er sprake zijn van ´natuurlijke' selectie: zij die ziek werden, stopten misschien wel met boeren."

LINH
De hier beschreven analyses zijn uitgevoerd met LINH-gegevens in het kader van de tweede Nationale Studie naar ziekten en verrichtingen in de huisartspraktijk (2001). LINH (Landelijk Informatie Netwerk Huisartsenzorg) is een project van NIVEL, WOK, LHV, en NHG.
 
bron:Nivel