Duitsland is weer cool. Het beeld dat Nederland van haar oosterburen had, is in vrij korte tijd omgeslagen van 'de oude vijand' naar 'de vriendelijke buur'. Dat blijkt uit een onderzoek van Intermediair onder ruim achthonderd lezers. We willen in Duitsland werken, willen graag Duitse buren en we gunnen ze zelfs de WK-titel als Nederland wordt uitgeschakeld. Verder vindt tachtig procent van de Nederlanders Duitsers redelijk tot zeer sympathiek (eigenlijk net zo sympathiek als wijzelf), hoog ontwikkeld en daarin vinden we ze erg op ons Nederlanders lijken. We vinden ze veel vredelievender dan de Engelsen en Fransen, net zo tolerant als onszelf en net zo weinig oorlogszuchtig. Eigenlijk vinden we ze nogal op onszelf lijken. Had de volksschrijver Gerard Reve het toch goed gezien: Nederlanders zijn Duitsers die in plaats van bier melk drinken. Want dat oude vooroordeel is onveranderd gebleven: Duitsers nemen grote hoeveelheden Bier und Bratwurst tot zich, zo denken wij.
In 1997 werden er nog Kamervragen gesteld naar aanleiding van een onderzoek van Instituut Clingendael waaruit bleek dat Nederlandse jongeren negatiever tegen Duitsers aankeken dan tegen andere Europeanen. Bijna tien jaar later (Intermediair baseerde een groot deel van zijn onderzoeksvragen op het Clingendael-onderzoek) is daar niets meer van terug te zien. Als we moeten kiezen waar we het liefst willen werken, staat Duitsland op de vijfde plaats, boven landen als Italië, Frankrijk en Denemarken (bovenaan de lijst staat Engeland). En als onze buren zouden verhuizen en we mochten kiezen uit welk land de nieuwe buren zouden komen, dan kiest bijna de helft voor Duitsers. Bijna vijftig procent van de ondervraagden zei de afgelopen vijf jaar ook in Duitsland op vakantie te zijn geweest. Maar onze liefde blijkt misschien nog wel het meest uit het genereuze gebaar dat we, als Nederland het WK niet wint, de overwinning weliswaar in eerste instantie gunnen aan Brazilië, maar in vijfde instantie aan Duitsland. Van een echt 1974-trauma lijkt dus geen sprake.
Maar als Duitsers zo op ons lijken, waarom vonden we ze vroeger dan zo onuitstaanbaar en nu niet meer? 'Door de oorlog en de naoorlogse politiek - hoe Duitsland omging met de RAF - hadden we er alle belang bij om ons af te zetten. Te bewijzen hoezeer we níet op hen leken. Duitsland als negatief identificatiepunt,' zegt Ton Nijhuis, hoogleraar en wetenschappelijk directeur van het Duitsland Instituut dat verbonden is aan de Universiteit van Amsterdam. Duitsland was bovendien groot, Duitsland was rijk en wijwaren klein en arm. 'Dat had een beetje een Calimero-effect. En dus wezen we met ons vingertje: wij zijn misschien niet zo groot en rijk, maar moreel wel superieur.' Het omslagpunt kwam toen Nederland het in de negentiger jaren economisch beter ging doen dan Duitsland. 'En tot onze verbijstering kwamen de Duitsers hier toen niet met hun 'dikke auto's' om ons te vertellen dat zij toch superieur waren' zegt Nijhuis. 'Ze kwamen juist heel bescheiden en geïnteresseerd vragen hoe we dat deden en hoe zij van ons konden leren.' Daarnaast droeg de uitbreiding van de Europese Unie ook voor een zeer belangrijk deel bij aan ons nieuwe Duitsland-beeld. 'Met de 'Osterweiterung' kwamen er landen bij de Unie, waarvan wij dachten: horen die bij ons? We voelen helemaal geen verwantschap met Letten en Litouwers. En dat benadrukte de gemeenschappelijkheid met Duitsland; dát zijn mensen zoals wij.'
Duitsland kan dus weer. We zijn zelfs wereldwijd het meest positief over Duitsland, zo bleek onlangs uit een onderzoek dat de Bondsrepubliek zelf liet uitvoeren in de aanloop op het WK. Nergens anders is de bevolking zo dol op Duitsers.
bron:Creative Venue