De Nederlandse economie is in het tweede kwartaal van 2005 gegroeid. Het bruto binnenlands product (BBP) was 1,3 procent hoger dan een jaar eerder. Dit blijkt uit de tweede raming van de kwartaalrekeningen van het CBS. De BBP-groei is hetzelfde als bij de eerste raming van 11 augustus. Het tweede kwartaal van 2005 telde wel een werkdag meer dan het tweede kwartaal van 2004.

De groei van het BBP is te danken aan hogere export en hogere investeringen. De consumptie van huishoudens was even groot als een jaar eerder. De consumptie van de overheid liep terug. 

Consumptie huishoudens en export hoger dan eerder geraamd
De consumptie van huishoudens en de export zijn opwaarts bijgesteld in vergelijking met de eerste raming. Daartegenover staat echter een verhoging van de invoer, wat een verlagend effect op de economische groei heeft. Per saldo is echter de raming van de economische groei gelijk aan de eerdere raming in augustus. Naar bedrijfstakken gezien is de productie van financiële en zakelijke diensten hoger dan bij de eerste raming, terwijl de productie in de overige bedrijfstakken lager uitkomt. 

Kwartaal-op-kwartaalgroei hoog
Het volume van het BBP is in het tweede kwartaal van 2005, na correctie voor werkdag- en seizoeneffecten, met 1,2 procent toegenomen ten opzichte van het eerste kwartaal van 2005. Deze kwartaal-op-kwartaalgroei is opvallend hoog en komt na een relatief grote daling in het eerste kwartaal van 2005. Ook de kwartaal-op-kwartaalgroei is niet veranderd ten opzichte van de eerste raming.

Groei uitvoer constant
Het volume van de uitvoer van goederen en diensten was in het tweede kwartaal 5,5 procent hoger dan in hetzelfde kwartaal van 2004. Daarmee is de volumegroei van de export niet noemenswaard hoger dan in het eerste kwartaal. Een verschil is wel dat de export van in Nederland geproduceerde goederen duidelijk aantrok, terwijl de wederuitvoer iets minder toenam dan in het eerste kwartaal. Overigens komt de groei van de wederuitvoer nog steeds veel hoger uit dan die van in Nederland geproduceerde uitvoer. Wederuitvoer is de export van elders, bij voorbeeld in China, geproduceerde goederen. Deze worden via Nederland gedistribueerd, nadat ze hooguit een geringe bewerking hebben ondergaan.

De groei van de invoer ((4,4 procent) was minder dan die van de uitvoer. De invoergroei kwam voor een belangrijk deel voor rekening van de wederuitvoer. Maar ook de overige invoer nam sneller toe dan de binnenlandse bestedingen. Een steeds groter deel van de binnenlandse consumptie en investeringen wordt ingevoerd.

Consumptie huishoudens even hoog als vorig jaar
Huishoudens hebben in het tweede kwartaal van 2005, voor prijsveranderingen gecorrigeerd, 0,1 procent meer besteed dan een jaar eerder. Deze stabilisatie komt na de forse daling in het eerste kwartaal.

In het tweede kwartaal van 2005 hebben de Nederlandse consumenten meer uitgegeven aan diensten (zoals bank- en telecomdiensten). De bestedingen aan voedings- en genotmiddelen waren vrijwel gelijk aan vorig jaar. Aan duurzame consumptiegoederen werd minder uitgegeven dan in hetzelfde kwartaal van 2004, maar de daling was minder dan in voorgaande kwartalen. 

Lichte daling overheidsconsumptie
Het volume van de overheidsconsumptie was in het tweede kwartaal 0,4 procent lager dan in het tweede kwartaal van 2004. De overheid gaf minder uit aan openbaar bestuur. De reële uitgaven voor zorg en welzijn namen nog wel toe, maar veel minder dan in de afgelopen jaren. 

Vooral meer geïnvesteerd in woningen en computers
In het tweede kwartaal van 2005 waren de investeringen in vaste activa 2,6 procent hoger dan in hetzelfde kwartaal van 2004. Dat kwam voor een belangrijk deel door hogere investeringen in bedrijfsgebouwen en vooral in woningen. De bouwinvesteringen profiteerden van een groter aantal gewerkte uren per werknemer.

Ook in zakenauto's en vooral in computers is fors meer geïnvesteerd. In machines en installaties is echter veel minder geïnvesteerd. Dit wordt echter geheel veroorzaakt doordat in het tweede kwartaal van vorig jaar een groot project werd opgeleverd.

Bouw en commerciële diensten dragen productiegroei
Vanuit de productie benaderd is het herstel van de economische groei vooral te danken aan de hogere productie van de bedrijfstakken bouw, en financiële en zakelijke dienstverlening. Ook vervoer en communicatie groeide bovengemiddeld. De bouw profiteerde van de aantrekkende woningbouw. De groei in de financiële en zakelijke dienstverlening komt vooral van het bankwezen en de uitzendbranche.

De industriële productie was nauwelijks hoger dan vorig jaar en blijft daarmee opvallend achter bij eerdere perioden van herstel. De productie in de landbouw, de zorg en bij de overheid was lager dan een jaar eerder. In de zorg is dat niet eerder voorgekomen.

bron:CBS