Eerste schatting: 65.000 tot 90.000 illegale werknemers



Nederlandse bedrijven hebben in 2004 ongeveer 65.000 tot 90.000 buitenlandse werknemers zonder de noodzakelijke vergunning aan het werk gezet. Zo’n veertig procent van deze illegale werknemers kwam uit Polen en de andere Oost-Europese landen die sinds anderhalf jaar lid zijn van de Europese Unie. Het werk dat de illegale werknemers deden, is ongeveer één procent van het werk dat in Nederland legaal wordt verricht.

Die schattingen staan in een onderzoek naar het overtreden van de Wet arbeid vreemdelingen dat staatssecretaris Van Hoof van Sociale Zaken en Werkgelegenheid naar de Tweede Kamer heeft gestuurd. Het onderzoek is, in opdracht van de staatssecretaris, verricht door het onafhankelijke bureau Regioplan Beleidsonderzoek.
Van Hoof verwacht dat het aantal overtredingen af zal nemen door een hardere aanpak van illegale arbeid. De boetes voor werkgevers zijn begin vorig jaar verhoogd tot 8000 euro voor iedere illegale werknemer, en het aantal controles op het naleven van de Wet arbeid vreemdelingen is van 2003 tot nu meer dan verdubbeld. In 2003 voerde de Arbeidsinspectie bijna 4000 controles uit, vorig jaar ruim 8000. Dit jaar wordt dat aantal verder opgevoerd tot 10.500.
Er zijn geen harde cijfers over het aantal buitenlanders dat illegaal in ons land werkt. Uit angst voor bestraffing geven werkgevers niet gauw toe dat ze gebruik maken van illegale werknemers. Onderzoekers moeten het daarom doen met schattingen op basis van onderzoek waarbij de betrokken werkgevers zeker weten dat ze anoniem blijven. De resultaten van zulk onderzoek zijn niet honderd procent betrouwbaar. Maar de onderzoekers van Regioplan zijn voor 95 procent zeker dat een jaar geleden tussen de 73.000 en 106.000 werkgevers gebruik hebben gemaakt van één of meer illegale werknemers. Dat is gemiddeld bijna 19 procent van alle bedrijfsmatige werkgevers.
Samen lieten die werkgevers 65.000 tot 90.000 buitenlanders werken zonder een vereiste tewerkstellingsvergunning. Meestal ging het om dienstverbanden van kortere duur, zoals seizoensarbeid. In totaal werkten de illegale werknemers 45.000 tot 67.000 arbeidsjaren. Dat is gemiddeld ongeveer één procent van alle legale arbeidsuren die er jaarlijks in Nederland worden gewerkt.
De schatting van 65.000 tot 90.000 illegale buitenlandse werknemers is lager dan schattingen van andere onderzoekers, die in 2004 nog met aantallen tussen de 100.000 en 180.000 kwamen. Het onderzoek van Regioplan beperkt zich echter tot bedrijfsmatige werkgevers en telt buitenlanders die illegaal voor particulieren werken niet mee.
Staatssecretaris Van Hoof heeft het onderzoek uit laten voeren, omdat hij een ijkpunt wil hebben om de resultaten van zijn handhavingsbeleid aan af te meten. Doel van het kabinet is de illegale arbeid in de bouw, de horeca, de land- en tuinbouw, de uitzendbranche, de schoonmaakbranche en de vlees- en visverwerkende industrie in 2008 terug te brengen tot beneden de 15 procent. Drie van deze sectoren scoorden, volgens het rapport van Regioplan, vorig jaar ver boven de 15 procent. In de bouw zou 28 procent van de bedrijven met illegalen hebben gewerkt; in de horeca 23 procent en in de land- en tuinbouw 20 procent. Ook bij deze cijfers houden de onderzoekers een stevige slag om de arm; in de horeca en de landbouw zou het werkelijke aantal illegale werknemers bijna de helft meer of minder kunnen zijn.
Het onderzoek is uitgevoerd in het voorjaar van 2005 en heeft betrekking op de twaalf voorafgaande maanden. Daardoor is er volgens de onderzoekers nog nauwelijks effect te zien van het strengere beleid dat sinds begin van 2005 wordt gevoerd. Ze verwachten wel een duidelijk positief effect: “In de eerste cijfers zien we dit ook al terug.”
Ook Van Hoof verwacht dat de hardere aanpak tot een afname van de illegale arbeid zal leiden. Het doel blijft om illegale arbeid in risicovolle sectoren, zoals de land- en tuinbouw, in 2008 tot onder de 15 procent terug te brengen.
In zijn brief aan de Tweede Kamer schrijft de staatssecretaris dat er “veel is aan te merken” op de betrouwbaarheid en de exactheid van de onderzoeksresultaten, maar dat het onderzoek wel enig inzicht geeft in het naleven van de Wet arbeid vreemdelingen. Om de betrouwbaarheid van de onderzoeksmethode én het resultaat van het hardere handhavingsbeleid te toetsen, kondigt Van Hoof aan dat het onderzoek eind van dit jaar wordt herhaald.
bron:SZW



Comments are closed.
%d bloggers liken dit: