Bedrijven die goederen of diensten afzetten op de buitenlandse markt zijn vaker innovatief dan bedrijven die alleen voor de binnenlandse markt produceren. Dit effect treedt op bij alle sectoren en bij alle bedrijfsgrootten.

Kwart bedrijven innovatief
Ongeveer een kwart van de Nederlandse bedrijven heeft in de periode 2002–2004 innovatieve activiteiten ondernomen. Van de bedrijven die exporteren, is bijna 40 procent innovatief. Van de bedrijven die alleen voor de binnenlandse markt produceren, is maar 18 procent innovatief.

Innovatie en export
Dat exporterende bedrijven vaker innovatief zijn dan bedrijven die hun producten op de binnenlandse markt afzetten, treedt op bij alle sectoren. In de industrie is dit onderscheid groot: een kwart van de producenten voor de binnenlandse markt innoveert, tegen meer dan de helft van de internationaal opererende bedrijven. In de dienstensector is het verschil minder groot, respectievelijk 19 en 32 procent. Het grootst is dit verschil in de landbouw, delfstoffenwinning, energie en bouwnijverheid. In deze bedrijfstakken samen innoveert slechts 11 procent van de bedrijven die uitsluitend op de binnenlandse markt actief zijn. Van de bedrijven in deze sectoren die exporteren, innoveert 35 procent.

Grote internationale bedrijven vaker innovatief
Grote bedrijven innoveren vaker dan kleinere bedrijven. Van de bedrijven met 10 tot 50 werkzame personen is slechts 22 procent innovatief, terwijl van de bedrijven met 250 of meer werkzame personen 59 procent innoveert. Het feit dat internationaal werkende bedrijven vaker innovatief zijn dan bedrijven die alleen actief zijn op de thuismarkt, komt bij alle bedrijfsgrootten terug. Bij de bedrijven met 10 tot 50 werkzame personen is het aandeel innovatieve bedrijven onder de bedrijven die exporteren (34 procent) tweemaal zo groot als onder de bedrijven die niet exporteren (17 procent).

bron:CBS