Minister van der Hoeven (OCW) stelt 48 miljoen euro beschikbaar voor scholen die nadeel ondervinden van de nieuwe verdeling van geld voor achterstandsleerlingen en voor proefprojecten met intensief taalonderwijs.

Minister Van der Hoeven heeft overeenstemming bereikt over de nieuwe verdeling van het extra geld met de onderwijsorganisaties en de vier grote steden. Van de 48 miljoen euro gaat ongeveer de helft naar de scholen in de vier grote steden. De minister schrijft dit in een brief aan de Tweede Kamer.

In het basisonderwijs krijgen scholen extra geld voor kinderen met een achterstand. Vanaf 1 augustus 2006 wordt de verdeling van dit geld bepaald door het opleidingsniveau van de ouders van het kind. Etniciteit geldt dan niet meer als criterium. Vooral scholen in de vier grote steden gaan er hierdoor financieel op achteruit. Zij worden nu door het extra budget gecompenseerd.

Ook vinden de komende vier jaar op scholen proefprojecten plaats met intensief taalonderwijs voor leerlingen die een erg grote taalachterstand hebben. Verder schrijft Van der Hoeven dat zij wil laten onderzoeken of een opeenstapeling van problemen van jongeren een extra criterium moet gaan vormen.

De nieuwe regeling wordt over een periode van vier jaar ingevoerd. In het schooljaar 2009/2010 vindt een evaluatie plaats.

Bron: OCW