Nederland moet de bescherming van asielzoekers niet verder beperken. Dat schrijft de Adviescommissie voor Vreemdelingenzaken in het vandaag verschenen advies 'Categoriale bescherming, 'een nood zaak". Personen die in hun eigen land gevaar lopen om te worden vervolgd kunnen in Nederland asiel krijgen. Naast deze individuele bescherming kent Ned erland sinds de jaren tachtig een beleid van groepsgebonden of 'categoriale' bescherming voor asielzoekers. Kern van dit beleid is dat bepaalde landen worden aangewezen waar de situatie zó gevaarlijk is dat terugkeer naar die landen niet verantwoord wordt geacht.

Meestal worden landen aangewezen waar sprake is van een (burger)oorlog, zoals in het verleden in Bosnië, Kosovo, Afghanistan en Irak. Asielzoekers die kunnen aantonen dat zij afkomstig zijn uit één van de aangewezen landen kunnen in Nederland categoriale bescherming krijgen, totdat het land van herkomst weer veilig is.
Geen 'aanzuigende werking'
Tegenstanders van groepsgebonden bescherming hebben betoogd dat deze bescherming zou leiden tot een toename van het aantal asielzoekers in Nederland. Deze veronderstelling werd wel gebruikt als een argument voor afschaffing van het groepsgebonden beleid. Uit onderzoek dat de adviescommissie heeft laten verrichten blijkt echter dat 'aanzuigende werking' van het beleid niet met cijfers kan worden aangetoond. Asielzoekers laten zich  bij hun keuze voor Nederland niet leiden door de mogelijkheid van groepsgebonden bescherming. Het afschaffen van het groepsgebonden beleid zal naar alle verwachting dus ook niet leiden tot een daling van het aantal asielzoekers dat naar Nederland komt.
Andere Europese landen
In het politieke debat is voorts aangevoerd dat andere landen in Europa geen groepsgebonden bescherming kennen. Nederland zou dus uit de pas lopen door 'teveel' bescherming te bieden. Ook deze veronderstelling wordt door de adviescommissie ontkracht. Een onderzoek naar het beleid van tien andere Europese landen heeft aangetoond dat deze vrijwel allemaal een beleid kennen dat vergelijkbaar is met het Nederlandse. Te verwachten valt bovendien dat het beleid in verschillende Europese landen door de verdergaande harmonisatie van beleid in de nabije toekomst naar elkaar toe zal groeien. De adviescommissie concludeert dan ook dat Nederland niet hoeft te vrezen voor een uitzonderingspositie.
Noodzaak van groepsgebonden beleid
De adviescommissie constateert dat het groepsgebonden beleid sinds de jaren tachtig een noodzakelijke functie heeft vervuld in het Nederlandse asielstelsel. Op grond van dit beleid is bescherming geboden aan asielzoekers die vanwege burgeroorlogen niet konden terugkeren naar hun land van herkomst. De adviescommissie is van oordeel dat Nederland deze bescherming ook in de toekomst moet blijven bieden.
bron:Adviescommissie voor Vreemdelingenzaken