Zorgaanbieders en zorgverzekeraars kunnen vanaf 1 januari 2008 onderhandelen over vrije prijzen voor het grootste deel van de ziekenhuiszorg. Minister Hoogervorst schrijft in een brief aan de Tweede Kamer dat het volgende kabinet hierover een definitief besluit kan nemen.

Voorwaarde is wel dat de DBC (diagnosebehandelingscombinaties) -systematiek stabiel is en dat problemen met de declaraties van ziekenhuizen zijn opgelost, schrijft de minister in zijn brief aan de Kamer. Hij bereidt de uitbreiding van verdere liberalisering van de prijsvorming voor, zodat het volgende kabinet 'hiertoe een definitief besluit kan nemen'.

Hoogervorst hoopt dat de vrije prijsvorming kan gaan gelden voor ongeveer zeventig procent van de (niet-acute) ziekenhuiszorg. Hiervoor moet er wel sprake zijn van integrale DBC's, waarin onder andere de kosten voor kapitaallasten zijn opgenomen.

Nu mogen ziekenhuizen over tien procent van de zorg met zorgverzekeraars onderhandelen over de prijs. Bekostiging en declaratie gebeurt aan de hand van diagnose behandelingcombinaties (DBC's). ‘Om daadwerkelijk aan de wensen van patiënten tegemoet te kunnen komen, moeten verzekeraars en aanbieders over de prijzen van het grootste deel van de ziekenhuiszorg kunnen onderhandelen’, schrijft Hoogervorst. Hij verwacht dat ziekenhuizen hierdoor hun zorgaanbod efficiënter gaan organiseren en zich geprikkeld voelen om meer innovaties door te voeren.

Overgangstermijn
Om ongewenste prijsstijgingen te voorkomen, wil de minister in elk geval de eerste drie jaar een systeem van prijsbeheersing hanteren. De Nederlandse Zorgautoriteit kan ingrijpen wanneer een instelling relatief te duur is. Hoogervorst benadrukt in zijn brief dat zorgaanbieders en verzekeraars ondanks het tijdelijke systeem van prijsbeheersing zelf verantwoordelijk blijven voor doelmatige en goede zorg. De uitbreiding van de vrije prijsvorming dient nauwgezet gevolgd te worden.

Voor bepaalde onderdelen van de ziekenhuiszorg acht de minister vrije prijsvorming niet geschikt, vanuit het oogpunt van kwaliteit en toegankelijkheid. Het gaat om topklinische zorg, acute zorg en de bekostiging van dure en weesgeneesmiddelen.

bron:VWS