Het Internationale Energie Agentschap (IEA) heeft op 2 september 2005, na een telefonische consultatieronde, een gezamenlijk plan van actie vastgesteld om extra olie op de wereldmarkt te brengen. Het plan is opgesteld naar aanleiding van de effecten van de hurricane Katrina.

Diverse delen van het Amerikaanse oliesysteem hebben te lijden gehad van Katrina en zijn deels of volledig buiten gebruik geraakt, deels ook door de uitval van delen van het elektriciteitnetwerk. Het gaat daarbij onder meer om boorplatforms, raffinaderijen, pijpleidingen en depots die voor korte of langere tijd onbruikbaar zijn geworden. Dit heeft effecten op de mondiale oliemarkt.

Rekening houdend met alle beschikbare informatie, inclusief de verwachtingen ten aanzien van additionele productie door de producerende landen, heeft het IEA een initiële assessment gemaakt naar de behoefte bij de lidstaten van het IEA om de markt van extra olieaanbod te voorzien om deze significante, maar tijdelijke aanbodverstoring het hoofd te bieden. Dit gezamenlijke plan houdt in de oliemarkt te verruimen met 60 miljoen vaten, of een gemiddelde van 2 mln vaten per dag gedurende 30 dagen.  2 mln vaten is ruim 2% van het mondiale dagelijkse olieverbruik.  Na 15 dagen zal de situatie worden geëvalueerd.

Nederland zal dit besluit uitvoeren door de inzet van overheidsvoorraden. De Stichting COVA (Centraal Orgaan Voorraadvorming Aardolieproducten) die de overheidsvoorraden beheert  - zal op korte termijn door minister Brinkhorst van Economische Zaken  in staat worden gesteld olie of olieproducten op de markt te brengen. De totale voorraad waar COVA momenteel over kan beschikken komt overeen met ca. 4,1 mtoe (miljoen ton olie equivalenten).

Voor Nederland betekent dat, dat 100.000 ton olie het Nederlandse aandeel in het plan, overeenkomend met ca. 30.000 vaten per dag -  op korte termijn aan de markt wordt aangeboden. Daarover zal overleg worden gevoerd door COVA met de bedrijven in de oliesector.

bron:EZ