In 2004 zijn in Nederland 93 personen overleden aan de gevolgen van een bedrijfsongeval. Knel raken is de meest voorkomende oorzaak van een dodelijk ongeval, gevolgd door vallen. Een kwart van de slachtoffers was werkzaam in de bouw.

Minder bedrijfsongevallen dan in 2003
De 93 dodelijke slachtoffers waren er 16 minder dan in 2003, maar 4 meer dan in 2002. Het aantal overledenen door een bedrijfsongeval schommelde in de periode 1996-2004 tussen de 88 en 126 per jaar.

Meer dan de helft door beknelling of val
Bijna vier op de tien dodelijke slachtoffers in 2003 en 2004 zijn overleden na beknelling. Ruim een kwart kwam dodelijk ten val. Daarnaast is een op de acht om het leven gekomen door een zwaaiend of vallend voorwerp.

Drie op de tien slachtoffers door transportmiddel
Bij drie op de tien dodelijke slachtoffers was een transportmiddel betrokken, zoals een hijskraan, shovel of lift. In de transportsector gold dit zelfs voor 70 procent. Maar ook in de landbouw, de industrie en de handel was bij een kwart tot de helft van de dodelijke ongevallen een transportmiddel betrokken.

In een kwart van de gevallen had het ongeval te maken met een gebouw of constructie, zoals een ladder, steiger of dak. In de bouw was dit bij de helft van de slachtoffers het geval.

Industrie en bouw goed voor bijna helft slachtoffers
In 2003 en 2004 samen was ruim een kwart van de dodelijke slachtoffers werkzaam in de bouw en eenvijfde in de industrie. Ook uitgedrukt per 100 duizend werkenden kende de bouwnijverheid met 5,8 het hoogste aantal dodelijke ongevallen, gevolgd door de landbouw en visserij  met 4,9. De bedrijfstak industrie stak hierbij met 1,9 gunstig af.

Onder de 93 slachtoffers in 2004 waren 72 mensen die in Nederland wonen. Dat betekent dat eenvijfde van de dodelijke slachtoffers niet in de Nederlandse bevolkingsadministratie voorkomt. De sector transport en vervoer heeft met bijna de helft het hoogste aandeel niet-ingezetenen. Dit is deels te verklaren door ongevallen die plaatsvinden in havens

bron:CBS