De Nederlandse regionale luchthavens zouden door de opkomst van de goedkope
luchtvaartmaatschappijen wel eens aanzienlijk kunnen gaan groeien. Door hun strategische ligging in het dichtbevolkte Noordwest-Europa beschikken de regionale luchthavens Lelystad, Eindhoven, Maastricht en Rotterdam over achterlandgebieden met een groot potentieel aan consumenten. De regionale luchthavens hebben ook ruimte om te groeien.

Binnen de huidige geluidscontouren zouden ze vijf miljoen reizigers kunnen bedienen; dat is 12,5 procent van de totale passagiersstroom voor Nederland als geheel, tegenover 5,4 procent nu. Dit blijkt uit een verkenning die het Ruimtelijk Planbureau heeft uitgevoerd naar de mogelijkheden en gevolgen voor de regionale luchthavens van de groei van de luchtvaart. De studie is op 14 september 2005 gepubliceerd.

Sinds de jaren negentig kenmerkt de luchtvaart in Noordwest-Europa zich door een opvallende groei. De opkomst van de goedkope luchtvaartmaatschappijen, zoals Easyjet of Ryanair, leidde in het buitenland tot een spectaculaire toename van het aantal vluchten en passagiers, vooral op de regionale luchthavens. Ook in Nederland is dit het geval, bijvoorbeeld op de luchthavens van Rotterdam en Eindhoven. Hier liggen dus nieuwe kansen voor de regionale luchthavens, met mogelijk grote gevolgen voor de economie, het milieu
en de ruimte. De ontwikkeling van de luchthaven en die van de regio zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Strategische keuzes ten aanzien van de à©à©n kunnen allerlei ontwikkelingen voor de ander belemmeren of juist stimuleren.

Of de luchthavens daadwerkelijk kunnen groeien, hangt niet alleen af van hun gunstige ligging. Ook de toekomstige behoefte aan luchtvaart is hierbij bepalend. Uit de verkenning van het Ruimtelijk Planbureau komt naar voren dat de groei van de luchtvaart in Nederland naar verwachting zal doorzetten. De vraag naar luchtvaart in het algemeen kan tot 2020 variëren tussen een stabilisatie - dit gebeurt bij een lage economische groei en een streng milieubeleid - en een verdubbeling - in een gunstig economisch klimaat
met beperkte milieumaatregelen - van de huidige vraag. De regionale luchthavens kunnen daarnaast in potentie een groter aandeel van de luchtvaart naar zich toe trekken.

Binnen de huidige geluidscontouren kunnen de regionale luchthavens nog aanzienlijk groeien, tot ongeveer vijf miljoen reizigers. Daarvoor zijn wel aanvullende maatregelen - en dus tijd - nodig. Zo zouden, op termijn, de aan- en uitvliegroutes kunnen worden gewijzigd of het gebruik van stillere vliegtuigen zou - via tarifering naar geluid - kunnen worden gestimuleerd. Een nadere studie van de vliegvelden van Rotterdam en Lelystad, in de vorm van twee ontwerpateliers, laat daarbij zien hoe met ruimtelijke analyses en creatieve ontwerpen een slimme afweging tussen economie en geluid te maken
is. Toch zal de geluidsregulering spanning veroorzaken tussen wat er op de luchthavens zou kunnen en wat er mag. Eindhoven en Rotterdam zitten bijvoorbeeld nu al aan de (geluids)grenzen van hun capaciteit. Te verwachten valt dan ook dat de geluidsregulering, die de capaciteitsgroei op de regionale luchthavens belemmert, onder druk zal komen te staan.

bron:Ruimtelijk Planbureau