Leerlingen die leraar basisonderwijs willen worden, moeten vanaf het komend schooljaar een toets doen om vast te stellen of hun reken- en taalvaardigheid op niveau is. Deze toets wordt in het laatste jaar van het voortgezet onderwijs en middelbaar beroepsonderwijs afgenomen. Aankomende studenten kunnen eventuele achterstanden nog inhalen voordat zij met de opleiding voor leraar beginnen. Bij de start van de studie en aan het einde van het eerste studiejaar wordt er ook getoetst. Als de uitkomst van de laatste toets onvoldoende is, mag de student de studie niet voortzetten. Minister Van der Hoeven trekt hiervoor 3,5 miljoen euro uit. Dit schrijft de minister vandaag in een brief aan de Tweede Kamer.
Om te komen tot een structurele verbetering van de basisvaardigheid rekenen en taal van alle leerlingen, studenten en onderwijsdeelnemers wordt gewerkt aan een doorlopende leerlijn. Dit houdt in dat er van het basisonderwijs tot het hoger onderwijs voortdurend aandacht is voor rekenen en taal. Die aandacht moet ervoor zorgen dat de ontwikkeling van de leerlingen en studenten wordt gevolgd en achterstanden op tijd worden onderkend en aangepakt. De doorlopende leerlijn moet terug komen in de kerndoelen van het primair en voortgezet onderwijs, in de eindexameneisen voor het voortgezet onderwijs en in de kwalificatieprofielen en exameneisen voor het middelbaar beroepsonderwijs. Over de voorgestelde maatregelen voor de korte termijn heeft minister Van der Hoeven overeenstemming bereikt met schoolmanagers in het voortgezet onderwijs, met de Bve Raad en de HBO-raad.
bron:OCW