Vanwege nieuwe meevallers bij de aardgasbaten konden in de tweede helft van 2005 wederom voorstellen voor investeringsprojecten worden ingediend, te betalen uit een nieuwe investeringsimpuls via het Fonds Economische Structuurversterking. In dit kader heeft het CPB nu ruim 20 voorgestelde kennisprojecten beoordeeld. Dit levert een vrij mager resultaat op: ruim de helft van de ingediende projecten kan, ook na een serieuze aanpassing, niet voldoen aan de basiscriteria om tot een gunstig maatschappelijk rendement te komen. Projecten die wel gunstig beoordeeld zijn, betreffen onder meer de ontwikkeling van een aardappelziekte-resistente aardappel en de verbetering van terrorisme- en criminaliteitsbestrijding door toepassing van ICT. Dit concludeert het Centraal Planbureau (CPB) in het vandaag verschenen CPB Document Investeren in kennis en innovatie: Analyse van ICRE-projecten tweede tranche 2005.
Centraal in de analyse staat de vraag in hoeverre projecten de maatschappelijke welvaart vergroten. Het CPB hanteert een breed welvaartsbegrip, waarbij niet alleen financieel-economische effecten, maar ook andere zaken waar mensen waarde aan toekennen, zoals natuur, milieu en gezondheid, een rol spelen.De gebruikte beoordelingscriteria zijn, net als bij eerdere beoordelingsrondes:
Legitimiteit/subsidiariteit: ligt overheidsingrijpen in de rede? En in hoeverre is er een taak weggelegd voor de rijksoverheid, of ligt betrokkenheid van andere overheden meer in de rede?
Effectiviteit: in hoeverre draagt een project bij aan de met dit project beoogde doelen?
Efficiëntie: hoe verhouden de verwachte baten van een project zich tot de kosten?
Voorstellen (of delen daarvan) die als gunstig zijn beoordeeld, zijn Digitaal Klantdossier (een digitaal dossier in de keten van werk en inkomen), Verbetering Information Awareness (verbetering terrorisme- en criminaliteitsbestrijding door toepassing van ICT), het onderdeel Technostarters bij het project Creatieve Industrie'De ontwikkeling van een duurzame Phytophthora (aardappelziekte) resistente aardappel De bepaling van de volgorde van een aardappelchromosoom en het PPS onderzoeksprogramma scheidingstechnologie.
De projecten in deze categorie zijn redelijk tot goed onderbouwd. In de meeste gevallen is de private inbreng echter gering in verhouding tot de verwachte baten die private partijen kunnen incasseren. Dit geldt met name voor NL-UPL voor ITER (subsidies aan het MKB voor het ontwikkelen van instrumenten voor een reactor voor kernfusie) en de versnelling van de ontwikkeling van een Vaccin tegen het RS-virus. Voor het Topinstituut Groene Genetica is de samenhang met bestaande initiatieven op dit terrein het belangrijkste aandachtspunt.
Ongunstig op legitimiteit/subsidiariteit scoorden onder meer Innosport (een project om topsport te bevorderen door stimulering van nieuwe topsportproducten), GATE (de oprichting van een instituut voor de game-industrie), en Software als Service (subsidies voor onderzoek in applicatiesoftware). Bij deze projecten is nauwelijks sprake van marktfalen. De baten zijn door marktpartijen te incasseren. Overheidsbetrokkenheid ligt dus niet voor de hand. Een instituut in een dynamische markt als de game-industrie kan zelfs verstorend werken. Andere projecten scoorden ongunstig op effectiviteit en efficiëntie. Soms sluit het middel niet logisch aan bij het achterliggende doel. Voorbeelden hiervan zijn Innosport,en het National Institute voor City Innovations een instituut om de
grotestedenproblematiek aan te pakken door fundamenteel onderzoek). Projecten als Voeding en Gezondheid en NIVO (een ICT-project van Defensie) zijn vaag en slecht onderbouwd.