Bij een volgend referendum moet de gehele neutrale informatievoorziening bij à©à©n centrale neutrale instantie worden neergelegd. Deze instantie moet een actieve opdracht meekrijgen en voldoende middelen om autonoom en daadkrachtig te kunnen opereren. Deze aanbeveling doet minister Pechtold voor Bestuurlijke Vernieuwing en Koninkrijksrelaties in het evaluatierapport over de organisatie van het referendum van 1 juni dat gisteren is aangeboden aan de Tweede Kamer.

In het rapport komt naar voren dat er bij kiezers een grote behoefte is aan neutrale informatie. Het informatiepunt referendum Europese grondwet, dat neutrale informatie verschafte over de inhoud van de Grondwet en de stemprocedures is meer dan 10.000 keer benaderd. De ReferendumWijzer, die in opdracht van de minister door het Instituut voor Publiek en Politiek is vervaardigd heeft meer dan 850.000 kiezers van advies gediend.

Knelpunt was dat de verantwoordelijkheid en reikwijdte van de neutrale informatievoorziening slechts zeer summier in de initiatiefwet was vastgelegd. Gezien de informatiebehoefte bij de kiezer moet dit een eventuele volgende keer anders.

Daarom doet minister Pechtold verder de aanbeveling dat een landelijk informatiepunt wordt ingericht waar men terecht kan voor neutrale informatie over het referendumonderwerp en kiesprocedures. Ook zou voorafgaand onderzoek gedaan moeten worden naar het informatieniveau en de informatiebehoefte van kiezers, om zo meer `burgergericht' te kunnen informeren. De minister stelt verder dat eerder moet worden begonnen met neutrale informatievoorziening om de kiezer de tijd te gunnen informatie tot zich te nemen en een afgewogen mening te vormen.

De organisatie van het eerste nationale referendum is zonder noemenswaardige incidenten goed verlopen. Deze conclusie sluit aan bij het eerdere oordeel van de Kiesraad over het verloop van het referendum. De samenwerking tussen gemeenten en ministerie verliep voorspoedig. Wel doet de minister de aanbeveling om in een eventuele volgende referendumwet de vergoeding voor gemeenten al vast te stellen zodat langdurige onderhandelingen niet nodig zijn.
 

bron:BZK