Bij de gemeenteraadsverkiezingen van 7 maart 2006 heeft 14 procent van de stemmers gestemd in een ander stemlokaal. Dat staat in de evaluatie stemmen in een willekeurig stemlokaal, die vandaag door minister Pechtold (voor Bestuurlijke Vernieuwing en Koninkrijksrelaties) naar de Tweede Kamer is verstuurd.

Uit de evaluatie blijkt dat de stempas veruit de belangrijkste informatiebron is voor kiezers. Minister Pechtold overweegt daarom enkele aanpassingen aan de eisen aan de vormgeving en herkenbaarheid van de stempas. Zo zou de stempas altijd in een enveloppe moeten worden verstuurd en moeten echtheidskenmerken ook voor kiezers duidelijk zichtbaar zijn. Minister Pechtold heeft het wetsvoorstel voor de landelijke invoering van stemmen in een willekeurig stemlokaal eind mei al naar de Tweede Kamer.
82 procent van de kiesgerechtigden is positief over het stemmen in een willekeurig stemlokaal (SWS). Ook gemeenten en hun stembureauleden blijken enthousiast over het stemmen in een willekeurig stemlokaal. Door SWS hebben gemeenten de mogelijkheid om creatief in te spelen op de voorkeuren van kiezers; niet langer vraagt de overheid de burgers naar één lokaal te komen om te stemmen; de overheid volgt nu de gang van de kiezer om op de meeste logische plek te kunnen stemmen. Van de extra stembureaus op bijvoorbeeld stations, scholen en winkelcentra is veel gebruik gemaakt.

Bij de gemeenteraadsverkiezingen van 2006 kregen ruim 7,3 miljoen kiesgerechtigden in 239 gemeenten de mogelijkheid om hun stem uit te brengen in een stemlokaal naar keuze. Verder blijkt dat bij gemeenten waar het mogelijk was om te stemmen in een willekeurig stemlokaal de opkomst sterker stijgt dan bij gemeenten waar het niet mogelijk is.
bron:BZK