Studenten die hun studie helemaal of voor een deel in het buitenland willen volgen, kunnen vanaf september 2007 hun studiefinanciering niet alleen meenemen naar Europese landen, maar ook naar alle landen buiten Europa. Nederland is een van de eerste landen in Europa die hiertoe overgaat. Studenten krijgen daardoor maximale keuzevrijheid een opleiding te kiezen die het beste op hun wensen aansluit. Instellingen die minstens net zulke goede kwaliteit bieden als Nederlandse universiteiten en hogescholen, zijn niet alleen binnen Europa maar ook daarbuiten te vinden. Het kabinet heeft vrijdag ingestemd met dit voorstel van staatssecretaris Bruno Bruins (Onderwijs). Wellicht dat ook de Tweede Kamer in de toekomst met het voorstel accoord gaat. Dat zal mede afhangen van het advies van de Raad van State dat inmiddels is gevraagd.

Door een studie in het buitenland kunnen studenten zich optimaal voorbereiden op een toekomst in een wereld waarin grenzen steeds minder belangrijk worden. Ongeveer de helft van de studenten heeft het voornemen om (een deel van) de studie over de grens te volgen, maar een kwart zet echt die stap. Zo studeren er op dit moment meer buitenlandse studenten in Nederland dan dat er Nederlandse studenten naar het buitenland gaan. Met het behoud van
studiefinanciering bij studeren in het buitenland, vervalt de financiële prikkel om in Nederland te blijven. Uiteraard dient de opleiding in het buitenland qua niveau en kwaliteit minstens zo goed te zijn als in Nederland. Nuffic, de Nederlandse organisatie voor internationale samenwerking in het hoger onderwijs, zal dit toetsen. Bruins: .Werelddekking voor je studiefinanciering. Je kunt studeren tot voorbij Timboektoe met je studiefinanciering..

Studenten kunnen hun studiefinanciering meenemen als ze vóór de aanvraag tenminste drie van de zes jaar legaal in Nederland verbleven. Deze voorwaarde is
uiteraard aanvullend op de eis dat studenten in aanmerking moeten komen voor studiefinanciering. De tekst van dit voorstel is voor advies aan de Raad van State gestuurd en wordt daarna aan de Tweede Kamer gestuurd.

bron:OCW