Na jaren van dalende prestaties, hebben Nederlandse ziekenhuizen hun
resultaten in 2004 sterk verbeterd. De productiviteit steeg sterk en de winst groeide  spectaculair met meer dan EUR 100 miljoen. Belangrijker nog is dat bijna alle ziekenhuizen het beter deden: 74 van de 90 verbeterden hun productiviteit, en 85 van de 90 ziekenhuizen hebben over 2004 positieve resultaten behaald. Gupta Strategists concludeert dat er in 2004 al sprake was van enige mate van marktwerking.

In sommige regio's, bijvoorbeeld in Rotterdam, is er een correlatie tussen kosten, marktprestatie en financiële prestatie. In de competitieve gebieden begon marktwerking zijn vruchten al af te werpen voor het van toepassing zou zijn! Deze zijn de belangrijkste conclusies in het onafhankelijke rapport 'The pied piper of Hamelin' dat Gupta Strategists uitbrengt over ontwikkelingen in ziekenhuiszorg in 2004.

Nederlandse ziekenhuizen en de omliggende concurrerende omgeving

In 2004 hebben de Nederlandse ziekenhuizen meer patiënten geholpen voor minder geld
per patiënt. Hiermee laten de ziekenhuizen een indrukwekkende verbetering van de
arbeidsproductiviteit zien met 3,2 procent - een trendbreuk met het verleden. De helft van de waarde van de productiviteitsstijging - ruim 200 miljoen Euro - is teruggegeven aan de betalers. Met de andere helft is de financiële positie van ziekenhuizen versterkt. De meeste Nederlandse ziekenhuizen werken al in een concurrerende markt. Bovendien ziet Gupta Strategists dat ziekenhuizen met een hoog marktaandeel, gemeten op een vernieuwende en consistente manier die aansluit bij de marktwerking in de sector, sneller groeien en dus verder zullen uitlopen.

Concurrerende markt voor meeste ziekenhuizen
Twaalf miljoen Nederlanders hebben de keuze uit ten minste twee ziekenhuizen binnen een kwartier reisafstand. En mensen maken een keuze tussen ziekenhuizen. Zo'n 1 tot 2 procent van de eerste polikliniekbezoeken verandert per jaar van ziekenhuis. Ziekenhuizen die meer trekken dan op grond van hun ligging wordt verwacht, groeien sneller. Er ontstaan 'winnaars' en 'verliezers' in de ziekenhuismarkt. Zeker omdat er op competitieve markten, zoals in Rotterdam een correlatie lijkt te ontstaan tussen marktaandeel, kosten per patiënteenheid en financiële sterkte.

Sterke groei in arbeidsproductiviteit
Na jaren van afnemende productiviteit is in 2004 de cost-to-serve per patiënteenheid gedaald met 1,4 procent (reëel). Deze verbetering liet zich zowel in arbeidskosten (1,6 procent) als in inkoopkosten (1 procent) zien. Een sterk verbeterde arbeidsproductiviteit - van gemiddeld 222 naar 229 patiënteenheden per FTE - ligt hieraan ten grondslag. Dit is een indrukwekkende trendbreuk met het verleden. De waarde van deze productiviteitsverbetering is zo'n 220 miljoen Euro. Dit voordeel is verdeeld tussen de  ziekenhuizen en de verzekeraars en daarmee hun patiënten.

Financiële positie verstevigd
De financiële positie van de Nederlandse ziekenhuizen is sterk verbeterd. Dit kon
door een winsttoename van gemiddeld 0,5 procent in 2003 naar 1,3 procent in 2004. Hiermee is de balans van de ziekenhuizen ook sterk verbeterd.

Verdere scheiding 'winnaars' en 'verliezers'
Gupta Strategists heeft de Nederlandse ziekenhuizen verdeeld in drie groepen op basis van hun strategische, operationele en financiële positie. Bijna driekwart van de ziekenhuizen uit de laagst scorende groep in 2003 is dat ook in 2004. Er is duidelijk al een scheiding tussen goed en minder goed presterende ziekenhuizen gaande.

bron:Gupta