NS heeft op 29 september 2005 publiekelijk gesproken over de rol die zij heeft gespeeld in de Tweede Wereldoorlog. President-directeur Aad Veenman sprak tijdens een bijeenkomst op station Muiderpoort in Amsterdam. In dat kader bood hij de Joodse gemeenschap en andere betrokken groepen verontschuldigingen aan voor het verlenen van medewerking door NS aan de deportaties uit Nederland.

Voor het Centraal Joods Overleg (CJO) was de bijeenkomst het startsein voor een landelijke postercampagne op stations. Het CJO tracht met de campagne de link te leggen met het heden. Het vraagt aandacht voor de Sjoa [vernietiging van Joden] en wil zo bijdragen aan een samenleving zonder antisemitisme, racisme, en andere vormen van intolerantie.

De bijeenkomst is georganiseerd in het kader van het 60-ste Bevrijdingsjaar. Station Muiderpoort was als locatie gekozen omdat vanaf dit station van oktober 1942 tot en met mei 1944 ruim elfduizend Joden zijn weggevoerd.
Aad Veenman legde uit waarom NS haar rol bespreekbaar maakt: "Door onze rol van toen te benoemen kunnen wij ook een pijnlijk hoofdstuk uit ons verleden afsluiten. Dan kunnen wij elkaar beter en met hernieuwd vertrouwen aankijken. Bovendien willen we ons samen, ook met de Joodse gemeenschap, op de toekomst van de huidige samenleving richten. Bijvoorbeeld door jongeren aan te spreken en hen te waarschuwen voor haat en fascisme dat in nieuwe gedaanten telkens weer opduikt. Zo krijgen onze ervaringen uit het verleden een zinvolle plek in het heden. Duidelijkheid en transparantie bieden houvast en evenwicht. Dat hoort bij een volwassen organisatie als NS met een belangrijke publieke rol, midden in de maatschappij."

Over het al of niet aanbieden van excuses zei Veenman: "Daar kun je over van mening verschillen. Het kan overkomen als een te gemakkelijk gebaar, als een zoveelste bijdrage aan de 'sorry-cultuur.' En dat over een onderwerp dat zo precair is en zoveel emoties oproept, zowel in de Nederlandse samenleving als binnen ons bedrijf. Het is wellicht nooit goed. We spreken meer dan zestig jaar na dato. Ik kan in het hier en nu slechts uitlatingen doen die in de context van vandaag passen. Daarom bied ik nu toch uit de grond van mijn hart en in alle bescheidenheid namens de Nederlandse Spoorwegen mijn oprechte verontschuldigen aan, aan de Joodse gemeenschap en de andere betrokken groepen."
 
bron:NS