De Nederlandse overheid ondersteunt het natuurbeleid jaarlijks met ruim 70 miljoen euro aan fiscale tegemoetkomingen in de vorm van belastingvermindering of -vrijstelling. Iets minder dan de helft daarvan bestaat uit verlaging van successie- en schenkingsrechten. Een derde heeft betrekking op de inkomstenbelasting, en een klein deel op de gemeentelijke onroerendzaakbelasting. Dat blijkt uit een onderzoek van het LEI (onderdeel van Wageningen UR) in opdracht van het Milieu- en Natuurplanbureau.

Het bedrag van 70 miljoen euro vormt ongeveer 9% van wat de verschillende overheden in Nederland met elkaar besteden aan natuur en landschap, en het ligt in dezelfde orde van grootte als de optelsom van de eigen uitgaven op dit gebied door de 12 provincies.

Voor de particuliere sector bedroeg het belastingvoordeel in de periode 2002 tot en met 2004 gemiddeld 69,5 miljoen euro per jaar. Het grootste deel van dit bedrag komt ten goede aan natuurbeherende grondeigenaren, daarnaast ging 17% naar particulieren zonder grond, die belastingvermindering kregen wegens 'natuurvriendelijke' activiteiten. Ook een aantal (semi-) overheidsinstanties waaronder vooral Staatsbosbeheer kreeg tot 3,4 miljoen euro per jaar belastingvoordeel. Het totale bedrag aan gederfde inkomsten voor de rijksoverheid (ook wel aangeduid als 'belastinguitgaven') bedroeg dus 72,9 miljoen euro per jaar.

Van de belastingvermindering voor de particuliere sector hing ongeveer 60% samen met de verwerving en inrichting van nieuwe gebieden en 40% met beheersactiviteiten.

bron:LEI