Per 1 juli meer keuze voor bedrijven bij aanpak arbeidsomstandigheden



Vanaf 1 juli hebben branches en bedrijven meer keuze hoe ze de preventie en begeleiding van ziekteverzuim regelen. Tot nog toe nemen ze daar verplicht een arbodienst voor in de arm. Bij overeenstemming met vakbonden, ondernemingsraad of personeelsvertegenwoordiging, mag een branche of bedrijf dat straks ook zelf doen. Ook kan hiervoor bijvoorbeeld een branche-organisatie worden ingeschakeld.

De wet waarin dit wordt geregeld is op 1 juli van kracht geworden. Met de nieuwe wet wil staatssecretaris Van Hoof van Sociale Zaken en Werkgelegenheid bedrijven de keuze geven om de arbodienstverlening aan te passen aan de omstandigheden en mogelijkheden van het bedrijf. Ook wil hij de betrokkenheid van bedrijven bij arbeidsomstandigheden vergroten.

Als branches en ondernemingen geen gebruikmaken van een arbodienst, moeten ze er ook voor zorgen dat de arbodienstverlening met voldoende kennis van zaken wordt aangepakt. Zo zal er een bedrijfsarts beschikbaar moeten zijn voor de begeleiding van ziekteverzuim. Ook worden eisen gesteld aan de deskundigheid van degene die de zogenoemde risico-inventarisatie en -evaluatie toetst. In dat verplichte document worden risico's voor arbeidsomstandigheden in kaart gebracht en wordt vastgelegd hoe die zoveel mogelijk kunnen worden vermeden. Overigens kunnen lopende contracten met arbodiensten niet tussentijds worden opgezegd.

Voor kleine bedrijven zijn de kosten van een toets door een arbodienst - of in de toekomst deskundige - naar verhouding hoog. Daarom mogen kleine bedrijven met niet meer dan tien werknemers in de toekomst werken met een checklist voor de risico-inventarisatie en -evaluatie, als die in de CAO wordt vastgesteld. De verplichte toets van dit document mag dan achterwege blijven. Daarnaast hebben de arbodiensten een eenvoudiger (en dus goedkopere) toets afgesproken voor bedrijven met minder dan 26 werknemers die met zo'n checklist werken. Bij de eenvoudige toets blijft bijvoorbeeld een bedrijfsbezoek in principe achterwege.

Tot slot moeten bedrijven meer gebruikmaken van deskundigheid in het bedrijf zelf bij de zorg voor goede arbeidsomstandigheden en het voorkomen van ziekteverzuim. In de toekomst moeten werkgevers zich laten bijstaan door één of meer deskundige werknemers die aandacht besteden aan veiligheid en gezondheid bij de dagelijkse werkzaamheden. Deze medewerker moet er bijvoorbeeld voor zorgen dat er in een bedrijf op een verantwoorde manier met gevaarlijke stoffen wordt gewerkt en dat personeelsleden machines goed onderhouden.

Bij kleinere bedrijven (minder dan 15 werknemers) mag de deskundige ook de werkgever zijn. In de risico-inventarisatie en -evaluatie van het bedrijf wordt vastgesteld hoe deskundig werknemers of werkgever moeten zijn.

bron:SZW



Comments are closed.
%d bloggers liken dit: