De Nederlandse Vereniging voor Intensive Care (NVIC), de medische beroepsvereniging voor Intensive Care Geneeskunde (waarbij ruim 1600 artsen zijn aangesloten die direct of indirect betrokken zijn bij de behandeling van Intensive Care patiënten) heeft kennis genomen van het rapport 'Intensieve Zorgen: Capaciteit- en transport problemen bij IC in kaart gebracht' van de Inspectie voor de Volksgezondheid (IGZ).

Tevens hebben wij het persbericht onder ogen gekregen. De NVIC is met de IGZ van mening dat de organisatie en kwaliteit van Nederlandse IC afdelingen verder kan en moet verbeteren. In dit kader heeft de NVIC in de afgelopen jaren vele initiatieven ontplooid om de kwaliteit van zorg te bevorderen.

Een groot aantal organisatorische en behandelrichtlijnen zijn uitgebracht, waaronder opname- en ontslagrichtlijnen en transportrichtlijnen voor het vervoer van IC patiënten. Er zijn kwaliteitsindicatoren ontwikkeld voor Intensive Care en deze worden momenteel in de praktijk op hun bruikbaarheid getoetst.

Daarnaast spoort de NVIC afdelingen aan de kwaliteit van zorg verder te verbeteren door middel van registratie en benchmarking. De NVIC is daarmee al jaren trendsetter. Ter facilitering daarvan ondersteunt de NVIC de Nationale Intensive Care Evaluatie. De NVIC pleit voor registratie en benchmarking op alle IC afdelingen. De NVIC heeft een belangrijk aandeel gehad - in samenwerking met o.a. het CBO - in de realisatie van de vernieuwde (concept) IC richtlijn 2005, die vrijwel alle aanbevelingen van de IGZ kan borgen. Inmiddels hebben de NVIC, de NVA (anesthesiologen) en de NIV (internisten), samen verantwoordelijk voor meer dan 90 procent van de intensivisten werkzaam op de Nederlandse IC afdelingen, deze richtlijn geaccordeerd.

Het is van groot belang dat alle verenigingen betrokken bij de ontwikkeling van de richtlijn en IC-zorg in het algemeen, alsmede de ziekenhuizen, zorgverzekeraars, CTG en VWS de richtlijn gaan ondersteunen en de implementatie ervan met maatregelen en middelen gaan bevorderen. De separate financiering van IC in het kader van DBC (Diagnose-behandel-combinatie), nu nog steeds niet definitief gerealiseerd, zal daartoe behulpzaam zijn.

Voor het verplaatsen van IC patiënten is verantwoord transport noodzakelijk. De NVIC pleit voor het regionaal inzetten van mobiele Intensive Care units (MICU), bijvoorbeeld gecoà¶rdineerd vanuit de universitair medische centra. Niet elk ziekenhuis hoeft een eigen transportsysteem te ontwikkelen, wel dienen er interne en regionale afspraken over te worden gemaakt. De NVIC wil met name in de coà¶rdinatie van de MICU's in de verschillende regio's een belangrijke rol spelen. De financiering voor dit speciale vervoer is echter nog niet optimaal geregeld en dit kan een snelle implementatie in de weg staan. De toon van de IGZ zou de indruk kunnen wekken dat de zorg op Nederlandse IC afdelingen onder de maat zou zijn. Die mening deelt de NVIC niet, wel kan en moet het beter. De gegevens van de IGZ en de wijze waarop deze gegevens zijn verzameld, zijn onvoldoende gevalideerd en gecontroleerd. Daarnaast zijn de getrokken conclusies niet
altijd juist. Langdurige beademing op een individuele IC van het lagere zorgtype is in verband met de moeilijker te realiseren continuïteit van zorg onwenselijk, echter dat hoeft niet te betekenen dat de behandeling van de patiënten onvoldoende is geweest. Er zijn immers geen goede uitkomstgegevens gemeten en er kunnen redenen zijn dat à©à©n enkele patiënt die zeer lang is beademd de getallen overmatig beïnvloedt. Wij delen de mening van de IGZ dat regionalisering en verder uitwerken van de niveaus van IC afdelingen moet leiden tot Intensive Care zorg op maat. Dit alles conform de IC richtlijn 2005. De NVIC wil dat elke IC-patiënt die zorg kan krijgen die noodzakelijk is. Daarvoor is regionale samenwerking noodzakelijk. Het is onwenselijk en onrealistisch te streven naar het hoogste niveau Intensive Care in elk ziekenhuis. Een positieve ontwikkeling is het feit dat het aantal IC-bedden sterk is toegenomen, en sneller dan verwacht. Ook is het aantal niet gebruikte IC-bedden door gebrek aan bemensing afgenomen. Daarmee is de toegankelijkheid voor IC snel verbeterd. De NVIC is
van mening dat binnen de medische beroepsgroep en de ziekenhuizen het kwaliteitsdenken sterk is toegenomen. Bijna 40 procent van de IC afdelingen heeft een kwaliteitsvisitatie voor 2005 en 2006 aangevraagd. Er zijn veel vacatures voor intensivisten gesteld, waardoor Intensive Cares in Nederland konden beschikken over speciaal daarvoor opgeleide en getrainde medisch specialisten. Intensive Care Geneeskunde ontwikkelt zich wat dat betreft steeds meer in de richting van een eigen medisch specialisme dat kan worden beoefend naast een basisspecialisme. In tegenstelling tot de IGZ verwachten wij een groei van 30procent van de opleidingsplaatsen voor intensivisten in de komende jaren. Verder zijn de voorbereidingen voor een exacte raming van het aantal intensivisten en Intensive Care verpleegkundigen gestart. De rapportage daarvan wordt in 2006 verwacht.  De NVIC ziet het rapport van de IGZ als een impuls om op de ingeslagen weg verder te gaan en de verschillende plannen, waaronder de implementatie van de vernieuwde IC richtlijn, zo snel mogelijk te realiseren.

bron:NVIC