Strafrechters zijn de laatste jaren onder steeds grotere druk komen te staan. Strafzaken zijn zowel juridisch als technisch complexer geworden en krijgen steeds vaker grote media aandacht. Het aantal “megazaken” is sterk toegenomen. Nieuwe wetgeving heeft de taak van de strafrechter verzwaard: slachtoffers hebben een prominentere rol in het strafproces gekregen en strafvonnissen dienen uitvoeriger te worden gemotiveerd. Tegelijkertijd eisen politiek en samenleving dat zaken snel worden afgewikkeld en dit alles met minimaal gelijkblijvende kwaliteit. Naar aanleiding van deze ontwikkelingen en de recente verwikkelingen rond de Schiedammer Parkmoordzaak en de nasleep daarvan komt de Rechtspraak met voorstellen om de kwaliteit van de rechterlijke oordeelsvorming in strafzaken te versterken.

In het woensdag gepresenteerde plan ‘In het belang van goede strafrechtspraak’ worden structurele maatregelen aangekondigd om de professionele kwaliteit van de rechters onder de toenemende druk op een peil te houden waarop blijvend aan de toenemende eisen kan worden voldaan. De maatregelen laten zich als volgt samenvatten:
•           De deskundigheid wordt bevorderd door rechters en ander personeel meer tijd te geven voor het bijhouden van vakkennis en voor permanente educatie en de beschikbare kennis van forensische-  en gedragskundige terreinen zal substantieel worden verbreed.
•           De mogelijkheden om zaken door een meervoudige kamer (door drie rechters) in plaats van enkelvoudig te laten behandelen worden uitgebreid.
•           De equipering en positie van de rechter-commissaris moeten worden versterkt. Voor een deel heeft de Rechtspraak dit in eigen hand, voor een ander deel zal de wetgeving hiervoor moeten worden aangepast.
•           De motivering van strafvonnissen zal structureel worden verbeterd.

•           Het pakket maatregelen zal volgens de Raad voor de rechtspraak circa 25 miljoen extra per jaar bedragen. De “kostprijzen” voor strafzaken waarop de Rechtspraak ten opzichte van de schatkist aanspraak maakt dienen hiertoe te worden aangepast. De Raad voor de rechtspraak wil hier echter niet op wachten en vraagt de gerechten ten laste van de eigen middelen direct te beginnen met de uitvoering van de maatregelen.

De maatregelen worden hieronder kort nader toegelicht.

Deskundigheidsbevordering
De rechtspraak heeft vergevorderde plannen ontwikkeld om de permanente educatie te bevorderen. Concreet betekent dit dat rechters en juridisch ondersteunende medewerkers minimaal 30 uur per jaar vrijgesteld worden voor het volgen van scholing. De scholing is vooral gericht op het op peil houden en ontwikkelen van kennis en vaardigheden benodigd voor de huidige functie. De norm geldt voor medewerkers in alle sectoren en gaat op 1 januari 2007 in. Gerechten krijgen de gelegenheid tot 1 januari 2010 de regeling over de volle breedte in te voeren.

Daarnaast dient elke strafsector te beschikken over ten minste enkele rechters die op bovengemiddeld niveau zijn ingevoerd in de (forensisch- en wapen-) technische en gedragskundige aspecten van strafzaken, zodat zij bij de voorbereiding van een zaak desgevraagd voor collega’s als vraagbaak en klankbord kunnen fungeren waar het gaat om de interpretatie en betekenis van resultaten van deskundigenonderzoek.

Zittingen vaker meervoudig afdoen
De laatste jaren neemt het aantal zittingen in meervoudige kamers af. Daarmee boet ook de tegenspraakfunctie van het raadkamerdebat  aan belang in. Dit wordt in zekere mate als kwaliteitsverlies ervaren. De strafsectoren krijgen nu meer ruimte om vanuit kwaliteits-overwegingen zaken meervoudig af te doen. Dit impliceert dat ook de ruimte voor politierechters om vanwege inhoudelijke kwaliteitsoverwegingen politierechterzaken naar de meervoudige kamer door te verwijzen wordt vergroot.

Onafhankelijke rechterlijke opstelling en nadere onderzoeksmogelijkheden

Door veranderingen in de wetgeving ten aanzien van het gerechtelijk vooronderzoek en bijzondere opsporingsmethoden is met name de positie van de rechter-commissaris ten opzichte van de officier van justitie afgezwakt. Ook de dossiervorming is vrijwel uitsluitend in handen van de officier van justitie. Gebleken is dat deze ontwikkelingen risico’s inhouden, met name ook op het vlak van de waarheidsvinding. De rol van de rechter-commissaris dient dan ook versterkt te worden. Hiervoor is aanpassing van wetgeving noodzakelijk.

In de artikelen 315 en 316 Sv is geregeld dat rechters over een eigen bevoegdheid beschikken om nader onderzoek te laten verrichten en zonodig nieuwe getuigen of deskundigen op te roepen. Rechters worden in het kader van de onafhankelijke rechterlijke opstelling gestimuleerd zich meer dan tot nu toe gebruikelijk is, te bezinnen op de wenselijkheid gebruik te maken van dergelijke nadere onderzoeksmogelijkheden.

Beter motivering strafvonnissen
De bewijs- en strafmotivering van strafvonnissen zal worden verbeterd. In het kader van het project PROMIS (PROject Motiveringsverbetering In Strafvonnissen) hebben rechters gedurende enige maanden in de jaren 2004 en 2005 geëxperimenteerd met een nieuw model tot verbetering van de motivering van strafvonnissen. Met name is gekeken in hoeverre de motivering van de bewezenverklaring en die van de opgelegde straffen konden worden verbeterd. De resultaten van het project, die in het voorjaar van 2005 bekend werden gemaakt, wijzen uit dat verhoging van de kwaliteit bereikt is. Vooral in zaken die vanwege een serieus bewijsprobleem tot uitgebreide nadere motivering aanleiding gaven, geven de vonnissen aanzienlijk meer inzicht in de gedachtegang van de rechter. Het PROMIS-model zal in alle strafsectoren worden ingevoerd.

Bron: Raad voor de rechtspraak