Door het warme weer steekt in sommige wateren in Nederland de blauwalg de kop op. De alg kan bij temperaturen tussen de 20 en 30 graden Celsius vooral in stilstaand, voedselrijk water woekeren en gevaar opleveren voor de volksgezondheid. Blauwalgen (of blauwwieren) zijn eigenlijk bacteriën die er uitzien als wier. Een andere naam is cyanobacterie. Drijvend aan het wateroppervlak vormen ze blauwgroene laag die op olie lijkt.

Als er blauwalgen in het zwemwater aanwezig zijn, is het zwemwater niet veilig en geven provinicies een negatief zwemadvies. Vergiftigingen door blauwalg komen alleen via de mond tot stand. Ernstige vergiftigingen doen zich bij volwassenen zelden voor. Kleine kinderen zijn kwetsbaarder, omdat zij eerder water binnenkrijgen en sneller ziek worden door vergiftiging. Binnen twaalf uur na het zwemmen in water met blauwwieren kunnen mensen last krijgen van de volgende verschijnselen: hoofdpijn, huiduitslag, maagkramp, misselijkheid, braken, diarree, koorts, een pijnlijke of rode keel, oorpijn, oogirritaties, loopneus of gezwollen lippen. Deze verschijnselen houden ongeveer vijf dagen aan en verdwijnen vanzelf. Geadviseerd wordt om alleen te zwemmen in buitenwater die als officiële zwemlocatie is aangewezen. Deze locaties worden met borden aangegeven. Officiële zwemwaterlocaties worden minimaal eenmaal per twee weken gecontroleerd, onder andere op blauwalg. Bij gevaar voor blauwalg kan de provinice een negatief zwemadvies geven of een zwemverbod. Kijk voor meer informatie over zwemwaterlocaties en waarschuwingen over blauwalg op teletekstpagina 725 of op de website van uw provincie.

bron:VROM