Op 19 juni 2005 in de nacht van zaterdag op zondag kreeg de politie Assen via de horecatelefoon een melding binnen dat in een discotheek een ernstige mishandeling had plaatsgevonden en dat buiten op straat een bewusteloze man lag. De verdachte was op dat moment nog aanwezig in de discotheek. De politie (in totaal 8 agenten) is op deze melding afgekomen.

Ter plaatse gekomen is de politie naar binnen gegaan om de verdachte aan te houden. De man verzette zich hierbij hevig en het gebruik van pepperspray en wapenstok door de politie had geen effect. Uiteindelijk kwam de verdachte naar buiten, waar bleek dat hij beschikte over de wapenstok van een agent. Hij sloeg met de wapenstok een agent. Vervolgens werd de man meerdere malen luid en duidelijk te verstaan gegeven zich over te geven echter zonder resultaat. Nadat een andere agent een waarschuwingsschot loste, reageerde de man wederom niet en gedroeg hij zich nog steeds agressief. Hier opvolgend kwam de verdachte zeer dreigend op een van de agenten af en dit leidde tot het schieten in het been van de verdachte. De man werd vervolgens geboeid en afgevoerd.

Direct na het schietincident is door de Rijksrecherche onder leiding van de hoofdofficier van justitie een onderzoek ingesteld. Ook is het gebruikelijk om bij een dergelijk schietincident de zaak voor te leggen ter advies aan de Adviescommissie Politieel Vuurwapengebruik. De commissie en het Openbaar Ministerie in Assen is beide van mening dat de politieambtenaar handelde binnen de grenzen van de Politiewet 1993 en de Ambtsinstructie. Derhalve zal er geen strafvervolging worden ingesteld.

bron:OM