SER: overheidswerkgevers geen zetel in de raad geven



De SER vindt het niet gewenst dat de overheid als werkgever recht krijgt op een zetel binnen de ondernemersgeleding van de SER. Hoewel de arbeidsverhoudingen binnen de overheid meer op die in het bedrijfsleven zijn gaan lijken, is er toch in de meeste overheidssectoren geen sprake van vrij ondernemerschap.

Toelating van de overheidswerkgevers via hun samenwerkingsverband Stichting VSO (Verbond Sectorwerkgevers Overheid) zou ten koste gaan van de identiteit, herkenbaarheid en onafhankelijkheid van de SER als orgaan van het bedrijfsleven. Ook voldoet het VSO niet aan een aantal formele criteria om voor benoemingsrecht in aanmerking te kunnen komen.

Dit betekent niet dat het VSO helemaal niet betrokken kan worden bij het werk van de SER. Het VSO kan wel deelnemen in bepaalde SER-commissies die adviezen voorbereiden die relevant zijn voor de arbeidsverhoudingen in het algemeen. Dat gebeurt bijvoorbeeld al in de Commissie Arbeidsomstandigheden. Dat schrijft de SER in een advies aan minister De Geus van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. De minister had de raad gevraagd of er grond bestaat om per 1 april 2006, wanneer de nieuwe zittingsperiode van de raad begint, veranderingen aan te brengen in de aanwijzing van organisaties die gerechtigd zijn leden en plaatsvervangende leden te benoemen in de SER. Op een openbare oproep heeft vervolgens de stichting VSO gereageerd met het verzoek om toewijzing van benoemingsrecht voor een ondernemerszetel. De stichting VSO is een samenwerkingsverband van alle werkgevers in de overheidssfeer. Naast rijk, defensie, onderwijs, politie en rechterlijke macht participeren daarin ook provincies, gemeenten, waterschappen, universiteiten, hogescholen, academische medische centra, centra voor beroepseducatie en onderzoeksinstellingen.

 

De SER adviseert de werknemersorganisaties FNV, CNV en MHP en de ondernemersorganisaties VNO-NCW, MKB-Nederland en LTO Nederland, die nu reeds in de SER zitten, voor de komende zittingsperiode opnieuw voor benoemingsrecht in aanmerking te laten komen. Dit omdat zij representatieve organisaties zijn voor het bedrijfsleven conform de criteria die daarvoor zijn gesteld.
bron:SER



Comments are closed.
%d bloggers liken dit: