Staatssecretaris Van Hoof van Sociale Zaken en Werkgelegenheid heeft gemeenten opgeroepen zich nog meer in te spannen om ook de 'moeilijke groepen' in de bijstand aan werk en aan scholing te helpen.De staatssecretaris deed zijn oproep bij de presentatie van de WWB-monitor van Divosa, de organisatie van directeuren van sociale diensten. De monitor geeft een jaarlijks overzicht van de resultaten en ervaringen met de Wet werk en bijstand. Deze wet werd op 1 januari 2004 van kracht. Sindsdien zijn gemeenten volledig verantwoordelijk voor het betalen van de uitkeringen en het aan werk helpen van bijstandsgerechtigden.

Uit de monitor blijkt dat gemeenten enthousiast aan de slag zijn gegaan met de wet. Men slaagt er steeds beter in (meer) mensen uit de bijstand en aan werk te helpen. Wel wordt geconstateerd dat het steeds moeilijker wordt om mensen die langdurig op een bijstandsuitkering zijn aangewezen te activeren. Volgens Divosa is 49 procent zeer moeilijk tot niet bemiddelbaar. Staatssecretaris Van Hoof weigert zich bij die 49% neer te leggen: "De aantrekkende conjunctuur en de krapper wordende arbeidsmarkt bieden volop kansen. Er zitten nog 300.000 mensen in de bijstand. Dit is niet het moment om de helft daarvan als onbemiddelbaar af te schrijven". Volgens Van Hoof benutten gemeenten nog lang niet alle middelen voor reïntegratie. "Er zit veel meer dynamiek in het bestand dan vaak wordt gedacht." Dat betekent volgens de staatssecretaris: meer investeren in scholing, bieden van terugkeerbanen en samenwerken in de regio. Alles gericht op duurzame uitstroom.

bron:SZW