De rechtbank Breda heeft een tractorbestuurster in verband met een dodelijk verkeersongeval veroordeeld tot een werkstraf van 240 uur en een ontzegging van de rijbevoegdheid voor drie jaar. Daarnaast is een voorwaardelijke gevangenisstraf van vier maanden opgelegd. Volgens de rechtbank is het verkeersongeval, waarbij een tienjarig meisje om het leven kwam, aan de schuld van de tractorbestuurster te wijten.

De vrouw heeft roekeloos gehandeld door met een behoorlijke snelheid op de openbare weg te gaan rijden met een tractor die zodanig was volgeladen met kratten, dat het zicht op de weg voor haar volstrekt onvoldoende was. Daardoor kwam zij in botsing met het meisje, dat voor de tractor fietste. De rechtbank volgt met dit oordeel niet de officier van justitie, die primair doodslag ten laste had gelegd. De rechtbank acht niet bewezen dat de vrouw willens en wetens het risico heeft genomen dat ze iemand zou doodrijden. De opgelegde straf is daarom ook aanzienlijk lager dan de twee jaar celstraf die de officier had geëist.

Bron: Rechtbank Breda