Staatssecretaris Van Hoof heeft in de Tweede Kamer toegezegd met een voorstel te komen over de wijze waarop voor mensen met een zeer grote afstand tot de arbeidsmarkt participatiebanen gecreëerd kunnen worden. Ondanks deze toezegging weigert de staatssecretaris echter op dit moment te erkennen dat voor een groep mensen de reguliere arbeidsmarkt onbereikbaar is. De staatssecretaris deed zijn toezegging bij de behandeling van het RWI-advies Omdat iedereen nodig is

De VNG is tevreden met de opening die de staatsecretaris geboden heeft. In een brief aan de Tweede Kamer hebben wij aangegeven dat door de toenemende druk op de onderkant van de arbeidsmarkt gemeenten de mogelijkheden moeten hebben om mensen door middel van participatiebanen weer te betrekken bij het arbeidsproces.

In het voorstel dat de staatssecretaris và³à³r de begrotingsbehandeling van Sociale Zaken, in december, zal doen, zal hij aangeven op welke manier, door een bijzondere wet, de arbeidswetgeving zo aangepast kan worden, dat voor mensen aan de onderkant van de arbeidsmarkt op een flexibeler en langduriger wijze werk kan worden aangeboden. Hij liet in het midden of dit gaat om werken met behoud van uitkering of om werken onder een arbeidsovereenkomst. Daarbij gaf hij aan te denken aan een termijn van 2 àƒÆ’  3 jaar. Een brede meerderheid van de kamer vindt dat tekort.

Daarnaast gaf de staatssecretaris aan in zijn voorstel mee te willen nemen op welke manier het Inkomensdeel van de Wet Werk en Bijstand voor participatiebanen ingezet kan worden, zonder dat de prikkelwerking van de WWB aangetast wordt.

Over de vraag vanaf welk moment de participatiebanen mogelijk kunnen worden liet Van Hoof zich niet uit, maar hij liet wel doorschemeren dat gedacht moet worden aan de volgende kabinetsperiode.

bron:VNG