De meervoudige strafkamer van de rechtbank Utrecht heeft gisteren de voorlopige hechtenis opgeheven van een man, die ervan wordt verdacht een groot aantal mensen te hebben opgelicht. In een uitzending van het Tros-programma 'Opgelicht' is een aantal mensen aan het woord geweest die de verdachte van oplichtingspraktijken beschuldigden. De verdachte stond terecht voor 23 feiten, waarin er volgens het openbaar ministerie sprake was van oplichting.

Na de behandeling van de zaak ter zitting, heeft de rechtbank besloten dat de verdachte de uitspraak niet in de cel hoeft af te wachten. De rechtbank aarzelt over de vraag of de verdachte, als hij veroordeeld wordt, een straf zal worden opgelegd die langer zal duren dan de bijna 9 maanden die hij nu al gezeten heeft.
Op de zitting kwam aan de orde dat de gedupeerden die zaken met de verdachte hebben gedaan, zich opgelicht voelen, omdat deze man zijn afspraken niet of slecht is nagekomen maar wel van tevoren betaald wilde worden. De rechtbank moet beoordelen of hier in strafrechtelijke zin wel sprake is van oplichting. Daarvoor dient er namelijk meer aan de hand te zijn dan het niet goed of niet volledig nakomen van een overeenkomst. Van 'oplichting' als bedoeld in artikel 326 Wetboek van Strafrecht is sprake als iemand, met de uitdrukkelijke bedoeling om er zelf beter van te worden, door ‘list en bedrog’ mensen beweegt tot het afgegeven van bijvoorbeeld geld of goederen. De rechtbank doet uitspraak op 19 juli aanstaande.

Bron: Rechtbank Utrecht