De sanering van de vuurwerkbedrijven in Nederland is afgerond. Bedrijven die professioneel- en consumentenvuurwerk verkopen, moeten voldoen aan de strenge regels voor de opslag van vuurwerk. 176 bedrijven konden op hun bestaande plek niet meer doorgaan. Deze bedrijven hebben een schadevergoeding gekregen van het ministerie van VROM voor het stoppen of verplaatsen van het bedrijf. De sanering van vuurwerkbedrijven is in maart 2002 gestart. De schadevergoedingen van de sanering hebben het ministerie van VROM in totaal ongeveer 10 miljoen euro gekost.

De gemeenten en provincies hebben in goed overleg met het rijk streng getoetst of het nodig was om vuurwerkbedrijven te saneren. Een saneringsvergoeding is alleen uitgekeerd als het stoppen of verplaatsen van een vuurwerkbedrijf nodig was om aan de eisen van het vuurwerkbesluit te kunnen voldoen. Bedrijven die zijn gestopt omdat de investering in nieuwe voorzieningen te hoog was, hebben geen vergoeding gekregen.

Vuurwerkbesluit
Het Vuurwerkbesluit, dat strenge regels voorschrijft voor de opslag van vuurwerk, is opgesteld na de vuurwerkramp in Enschede. De belangrijkste regel uit het besluit waaraan voldaan moet worden, heeft te maken met de afstand tussen de opslag en de bebouwde omgeving. Inmiddels hebben 176 vuurwerkbedrijven een schadevergoeding ontvangen omdat ze niet konden voldoen aan de eisen van het Vuurwerkbesluit. De bedrijven met een opslag van professioneel vuurwerk zijn vrijwel allemaal gesaneerd. De afstandseis is voor de opslag van dit type vuurwerk het zwaarst.

Ook is het Vuurwerkbesluit in 2004 gewijzigd, naar aanleiding van adviezen van brancheverenigingen en gemeenten om op meerdere manieren aan de doelstellingen te kunnen voldoen. Een van de wijzigingen is bijvoorbeeld doorgevoerd voor de opslag van vuurwerk in kelders. Dat is mogelijk geworden, mits de kelder goed bereikbaar is voor de brandweer.

bron:VROM