Twee verdachten explosies en brandstichtingen in Alkmaar voor rechter



De rechtbank in Alkmaar behandelt op
woensdag 7 februari de zaak tegen twee verdachten die terechtstaan
wegens het veroorzaken van een reeks explosies en branden in
Alkmaar. Het Openbaar Ministerie vervolgt de verdachten voor acht,
respectievelijk tien feiten die een selectie vormen uit een reeks
van 17 feiten. De feiten zijn gepleegd van mei 2002 tot en met
augustus 2005. De verdachten zijn in september 2005 aangehouden. In
maart 2006 werd een inhoudelijke behandeling van de zaak uitgesteld
omdat alsnog werd besloten een persoonlijkheidsonderzoek te laten
uitvoeren naar beide verdachten.

De bewoners van Alkmaar werden drie jaar
lang regelmatig opgeschrikt door een explosie, brandstichting of
een vondst van een niet ontplofte bom. Winkels, huizen, maar ook
scholen waren het doelwit van de twee verdachten. Ook worden ze
verantwoordelijk gehouden voor een aantal autobranden.

Het eerste feit werd door
één verdachte gepleegd. Het betrof een ontploffing
bij een Turkse groentezaak in mei 2002. In december 2004 hebben de
twee verdachten gezamenlijk de monumentale molen C in brand
gestoken. De bewoonster kon ternauwernood ontsnappen aan de brand,
terwijl haar huisdieren zijn omgekomen. De molen werd geheel
verwoest. Vervolgens hebben de twee mannen in de loop van 2005 bij
diverse woningen en auto’s met (vuurwerk)bommen veel schade
aangericht. Ook zijn ze verantwoordelijk voor het plaatsen van een
bom onder een caravan die geparkeerd stond in een woonwijk (juni
2005). De bom is door explosievendienst onschadelijk gemaakt. Dit
gebeuren veroorzaakte veel overlast voor de omwonenden. Het laatste
feit was het tot ontploffing brengen van een aantal
personenauto’s in augustus 2005. De schade die beide
verdachten hebben veroorzaakt wordt geschat op ruim 500.000
euro.

In eerste instantie werden de serie
(bijna) explosies en brandstichtingen niet met elkaar in verband
gebracht. Na de aanhouding van de eerste verdachte op 5 september
2005 volgde al snel de aanhouding van de medeverdachte. De
verdachten hebben bekend de feiten te hebben gepleegd. Vooralsnog
gaat het Openbaar Ministerie er vanuit dat de hang naar sensatie de
motivatie is geweest voor het plegen van deze zeer ernstige
delicten.

Het Openbaar Ministerie legt de twee
verdachte ten laste het veroorzaken van explosies en brandstichting
met levensgevaar voor anderen (artikelen 157 en 158 uit het wetboek
van Strafrecht). Voor deze feiten kunnen de verdachten maximaal
vijftien jaar gevangenisstraf krijgen.

bron:OM



Comments are closed.
%d bloggers liken dit: