De minister van Justitie wil ruimere
leeftijdsgrenzen voor mensen die een buitenlands kind willen
adopteren. Dat is niet in het belang van die kinderen, aldus de
Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming(RSJ) in een
advies aan de minister.

De Wet opneming buitenlandse kinderen ter
adoptie (Wobka) bepaalt de maximumleeftijd waarop iemand een kind
uit het buitenland mag adopteren. De minister wil de
maximumleeftijd fors verhogen (50 jaar voor de jongste en 56 jaar
voor de oudste of enige adoptiefouder), maar de Raad vindt dat de
bestaande maximumleeftijd (46 jaar) gehandhaafd moet blijven. Een
groter leeftijdsverschil tussen het kind en de adoptiefouders is
niet in het belang van het kind.

Het voorstel tot leeftijdsverruiming komt
onverwacht, omdat minister Donner nog maar kort geleden handhaving
van de bestaande leeftijdsgrens met tal van argumenten in de Tweede
Kamer heeft verdedigd. De Raad meent dat het voorstel om de
leeftijdsgrens aanzienlijk te verhogen alleen wordt ingegeven door
de belangen van aspirant-adoptiefouders en niet die van de
kinderen.

Over het belang van het (te adopteren)
kind zegt de Raad onder meer: adoptie van een buitenlands kind is
alleen verantwoord als deze een onmiskenbare meerwaarde voor het
betreffende kind heeft. De in velerlei opzicht totale 'breuk' met
het eigen achterland moet in meer dan voldoende mate worden
gecompenseerd door het te verwachten toekomstperspectief (in al
zijn facetten) voor het kind. Het 'belang van het kind' dient dan
ook nadrukkelijk te worden ingevuld als het minst schadelijke
alternatief, gegeven dat het kind niet in het eigen gezin kan
blijven. Zo dient niet alleen te worden gekeken naar de leeftijd
van aspirant-adoptiefouders op het moment van opneming van het
adoptiekind maar ook naar de toekomst: een 55-jarige adoptiefouder
kan op het moment van opneming van het adoptiekind gezond en vitaal
zijn, maar zal 70 jaar zijn wanneer het kind 15 jaar is en in de
puberteit zit.

bron:RSJ