De voorzieningenrechter van het College van Beroep voor het bedrijfsleven (hierna: CBb) heeft dinsdag uitspraak gedaan op het verzoek van Koninklijke KPN N.V. (hierna: KPN), T-Mobile Netherlands B.V. (hierna: T-Mobile) en Vodafone Libertel N.V. (hierna: Vodafone) om schorsing van het besluit van 28 april 2006 van de Minister van Economische Zaken (hierna: Minister) tot wijziging van het nummerplan. Bij dit besluit heeft de Minister een reeks nummers van vier cijfers, beginnend met de cijfercombinatie 18 (hierna: 18xy-nummers), ingevoerd voor het aanbieden van abonnee-informatiediensten. Ook heeft de Minister in zijn besluit van 28 april 2006, kort gezegd, bepaald dat het bestaande informatienummer 118 verdwijnt op 17 januari 2007.

In zijn uitspraak van 17 oktober 2006 laat de voorzieningenrechter van het CBb in het midden of KPN, die (anders dan haar dochters KPN Telecom B.V. en KPN Mobile The Netherlands B.V.) zelf geen houdster is van het nummer 118, belanghebbende is. Ook als de belangen van KPN buiten beschouwing worden gelaten, is naar het oordeel van de voorzieningenrechter van het CBb tenminste enige twijfel mogelijk over de vraag of het besluit van de Minister in hoger beroep bij het CBb stand zal houden. De voorzieningenrechter van het CBb betwijfelt met name of het besluit van de Minister op een deugdelijke motivering berust. De voorzieningenrechter van het CBb heeft verder overwogen dat de belangen van T-Mobile en Vodafone bij schorsing van het besluit zo zwaarwegend zijn dat deze moeten prevaleren boven de met onverkorte uitvoering van dat besluit gediende belangen.

De voorzieningenrechter van het CBb heeft het besluit van 28 april 2006, voorzover betrekking hebbend op de afschaffing van het nummer 118, geschorst tot de dag waarop het CBb uitspraak doet op het hoger beroep van KPN, T-Mobile en Vodafone. In zijn uitspraak heeft de voorzieningenrechter van het CBb overwogen dat het CBb ernaar streeft om in februari 2007 op het hoger beroep te beslissen.

De uitspraak van de voorzieningenrechter van het CBb heeft tot gevolg dat het nummer 118 in ieder geval voorlopig blijft bestaan.

Verloop van de procedure

KPN, T-Mobile en Vodafone hebben tegen het besluit van 28 april 2006 beroep ingesteld bij de rechtbank Rotterdam en zij hebben de voorzieningenrechter van de rechtbank gevraagd een voorlopige voorziening te treffen. Bij uitspraak van 27 september 2006 heeft de voorzieningenrechter van de rechtbank KPN, T-Mobile en Vodafone in het ongelijk gesteld.

Op 3 oktober 2006 hebben KPN, T-Mobile en Vodafone bij het CBb hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van 27 september 2006 en hebben zij de voorzieningenrechter van het CBb gevraagd het besluit van 28 april 2006 te schorsen voorzover het betrekking heeft op de afschaffing van het nummer 118.

De voorzieningenrechter van het CBb heeft het verzoek behandeld ter zitting van 12 oktober 2006, waarbij behalve verzoeksters en de Minister ook vier andere partijen, houders van 18xy-nummers, aanwezig waren.

Bron: College van Beroep voor het bedrijfsleven