Amsterdam begeleidt meer dan 2000 risicojongeren succesvol



De gemeente Amsterdam heeft in bijna twee jaar 2265 jongeren bereikt die meedoen met trajecten voor risicojongeren om hen weer naar school of werk te begeleiden. Hiermee is de geformuleerde ambitie om 1000 risicojongeren te bereiken ruimschoots bereikt. In plaats van de verwachte 1400 trajecten zijn er 2437 ingezet. De gemeente hield rekening met een uitvalpercentage van 25%, maar de uitval is tot nu toe beperkt tot 8%.

Deze resultaten blijken uit de evaluatie van de resultaten, effecten en processen van het programma Bijzondere Trajecten voor Risicojongeren (BTR). In februari 2003 is Amsterdam gestart met de uitvoering van het programma BTR dat deel uit maakt van het Amsterdamse Plan van Aanpak Voortijdig Schoolverlaten. De trajecten sluiten aan op het lokale beleid van de stadsdelen en de jeugdveiligheidsplannen van de politiedistricten.

Evaluatie
De evaluatie is uitgevoerd over de periode februari 2003 t/m december 2004. Omdat het merendeel van de jongeren op de peildatum 31 december 2004 nog bezig was met een traject, is het nog te vroeg om aan te geven hoeveel jongeren uiteindelijk met goed gevolg een traject afsluiten en vooral hoeveel er in een baan of opleiding terechtkomen. De tot nu toe gemeten effecten geven een positief beeld: 88% van de jongeren die minstens een halfjaar geleden een traject voor risicojongeren heeft beëindigd, heeft een opleidings- of werkplek en 80% is niet (meer) in contact gekomen met de politie.

Doelgroep
Het programma BTR is er voor jongeren van 16 tot 23 jaar die niet of gedeeltelijk leerplichtig zijn, geen diploma bezitten en de binding met opleiding of werk dreigen te verliezen of verloren hebben. In totaal zijn er ongeveer 7000 jongeren ouder dan 16 jaar die aan deze omschrijving voldoen (gegevens LAS).

De deelnemende jongeren zijn overwegend laag opgeleide, thuiswonende jongens tussen de 16 en 20 jaar waarvan het merendeel van Marokkaanse (28%) en Surinaamse afkomst (19%) is. Meisjes vormden een derde deel van de bereikte jongeren. De trajecten zijn ontwikkeld met het doel om deze zogenaamde risicojongeren (opnieuw) naar school of werk te laten gaan.

Trajecten
Het programma BTR bestaat uit diverse onderdelen, waarvan een bekend onderdeel het mentorproject Goal! is. Tot en met het eerste kwartaal van 2005 zijn bijna 500 vrijwillige Amsterdammers als mentor gekoppeld aan een risicojongere. Volgens de onderzoekers zijn nog niet eerder in Nederland op zon grote schaal mentoraten gerealiseerd. De kosten voor een mentortraject zijn gemiddeld 2.000.

Andere onderdelen zijn de cultuureducatie trajecten (CATch) en de lokale trajectbegeleiding. Aan de CATch-trajecten nemen tot nu toe ruim 550 risicojongeren deel (gemiddeld 3.000 per traject). Door middel van (street)dans, muziek, drama en nieuwe media leren de jongeren competenties als samenwerken en discipline die hen beter toerusten voor deelname aan scholing of werk.
De lokale trajectbegeleiding begeleidde in 2004407 jongeren met grote zorgproblemen en bezocht jongeren die niet kwamen opdagen bij instellingen uit het lokale vangnet (een samenwerkingsverband tussen lokale instellingen, georganiseerd door stadsdelen) thuis. Hiernaast zijn er zorgtrajecten voor bijvoorbeeld schoolwisselaars en tienermoeders. Door tienermoeders voor een jaar intensief te begeleiden, ze te motiveren om een opleiding te gaan volgen of voor hen een stageplaats of werkplek te creëren met aandacht voor de opvoeding van het kind, worden ze geholpen om aan hun toekomst te werken.

Uit de evaluatie blijkt verder dat de deelnemende jongeren tevreden zijn over het programma en dat de uitvoerenden het nut van de trajecten voor risicojongeren breed onderschrijven.

bron:Amsterdam Veilig



Comments are closed.
%d bloggers liken dit: