Selecteer een pagina

Het democratisch functioneren van Europa
verbeteren en de slagvaardigheid vergroten. Dat zijn volgens
minister-president Balkenende de gezamenlijke ambities bij een
nieuw verdrag van de Europese Unie. Dat zei minister-president
Balkenende op 23 mei 2007 in een toespraak tot het Europees
Parlement in Straatsburg. Balkenende ging in zijn toespraak in op
de positie die Nederland inneemt in de discussie over de
verdragsherziening van de Europese Unie.

Gezamenlijke oplossing

Nederland was een van de twee lidstaten
waar de bevolking in 2005 'nee' zei tegen het Grondwettelijk
Verdrag.

Balkenende: 'Ik weet dat een grote
meerderheid in uw Parlement wél voor het Grondwettelijk
Verdrag was. En ik respecteer dat. Maar hoe het oordeel over de
Grondwet ook is geweest, het is nu noodzakelijk om gezamenlijk een
oplossing te vinden. Een oplossing die voor ons allen acceptabel
is.'

Ambities

Volgens Balkenende zijn er twee grote
gezamenlijke ambities bij het nieuwe verdrag:

het democratisch functioneren van Europa
verbeteren;

de slagvaardigheid van Europa
vergroten.

Inzet

Balkenende zei dat de Nederlandse inzet is
dat 'een nieuw Verdrag geen grondwet is'.

De minister-president noemde de symboliek
van een grondwet een belangrijke factor bij het Nederlandse 'nee'
in 2005.

Hij pleit daarom voor een
wijzigingsverdrag, zoals het Verdrag van Amsterdam en het Verdrag
van Nice. 'Stap voor stap Europa beter maken, met oog voor
evenwicht.'

In zijn toespraak noemde Balkenende nog
drie punten wat Nederland 'voor ogen staat om gezamenlijk tot een
oplossing te komen':

De subsidiariteitstoets moet worden
versterkt, met een belangrijke rol voor de nationale parlementen.
'Als een meerderheid van de nationale parlementen een negatief
oordeel velt, moet dat consequenties hebben', aldus
Balkenende.

'Geen daadkracht zonder draagvlak. Waar
nodig moeten we dus de stap naar meerderheidsbesluitvorming durven
zetten.' Volgens Balkenende zijn daarbij wel heldere grenzen
nodig.

Criteria voor verdere uitbreiding van de
EU moeten in het nieuwe verdrag worden opgenomen.

Bron:Algemene Zaken