In totaal is er in 2007 500 miljoen euro
beschikbaar voor verbetering van de koopkracht van burgers. Wat
mensen daar precies van merken, hangt af van hun individuele
situatie. Over de gehele linie gaan huishoudens er tussen de
¾ en 1 ½ procent in koopkracht op vooruit. Extra
aandacht gaat uit naar gezinnen met kinderen. Zo stijgt de
kinderbijslag met gemiddeld 35 euro per kind per jaar. Ouders
profiteren ook van een lagere ouderbijdrage voor de kinderopvang.
De koopkracht van ouderen wordt ondersteund door AOW’ers een
extra tegemoetkoming te geven van 48 euro per jaar. Dat geldt ook
voor mensen met een uitkering op grond van de Algemene
nabestaandenwet (Anw).

Loonstrookjes

Het loonstrookje ziet er over het algemeen
gunstig uit. Het bedrag onder aan de streep neemt gemiddeld toe met
20 tot 40 euro (zonder loonstijging), als gevolg van een aantal
maatregelen. Zo daalt het belastingtarief voor de eerste schijf met
0,5 procent en de tweede met 0,05 procent. Ook de verlaging van de
werknemerspremie voor de werkloosheidsverzekering met 1,35 procent
naar 3,85 procent kan een gunstig effect hebben op het salaris.
Voor een modaal gezin levert dit een voordeel op van 200 euro per
jaar. De algemene heffingskorting wordt verhoogd met 21 euro. De
arbeidskorting gaat met 20 euro omhoog en ook de aanvullende
combinatiekorting stijgt met 80 euro.

Verder zal in veel sectoren voor 2007 een
contractloonstijging worden afgesproken en worden in sommige
sectoren de pensioenpremies verlaagd. Het loonstrookje kan hierdoor
(in de loop van 2007) gunstiger uitvallen.

Het loonstrookje kan tegenvallen voor
werknemers die tot nu toe de werkgeversbijdrage voor de
kinderopvang als post op hun loonstrookje zagen staan. Deze post
vervalt omdat werknemers de werkgeversbijdrage rechtstreeks via de
Belastingdienst/Toeslagen ontvangen. Deze verandering tast dus niet
de koopkracht van werknemers aan.

Bijstand, WW en WIA

Burgers die een beroep doen op een
bijstands- of werkloosheidsuitkering hoeven vanaf 2007 hun gegevens
maar één keer aan te leveren. Dat is in de wet
geregeld. Per klant komt er één elektronisch dossier
dat de instanties die betrokken zijn bij het verstrekken van
uitkeringen (CWI, UWV en gemeenten) kunnen raadplegen. Dat levert
bijvoorbeeld iemand die voor het eerst een aanvraag indient,
ongeveer twee uur tijdwinst op.

Het UWV krijgt in 2007 14,3 miljoen euro
extra voor re-integratiecoaches WW. Deze coaches kunnen mensen met
een WW-uitkering persoonlijk begeleiden naar een nieuwe baan. De
ervaringen met de re-integratiecoaches zijn positief en de klanten
zijn tevreden. Met de 14,3 miljoen euro extra wordt bijgedragen aan
de bekostiging van in totaal 625 re-integratiecoaches WW die 75.000
mensen intensief kunnen begeleiden.

Mensen die bij de gemeente bijstand
aanvragen, krijgen recht op een voorschot van minimaal 90 procent
van de bijstandsuitkering. Het voorschot moet binnen vier weken na
de aanvraag worden uitbetaald en wordt iedere vier weken herhaald
totdat de uitkering ingaat. Het voorschot voorkomt dat mensen die
bijstand hebben aangevraagd in de problemen raken doordat ze een
periode zonder inkomsten zitten.

Mensen die volgens de nieuwe Wet werk en
inkomen naar arbeidsvermogen (WIA) volledig en duurzaam
arbeidsongeschikt zijn, krijgen vanaf 1 januari 2007 een hogere
uitkering. De uitkering gaat van 70 naar 75 procent van het laatst
verdiende loon. Degenen die al in 2006 al een uitkering hadden
krijgen de verhoging met terugwerkende kracht.

Tegelijkertijd met het verhogen van de
uitkering wordt de zogenoemde Pemba-premie afgeschaft. Dit zijn
premies die werkgevers moeten betalen en die hoger zijn naarmate ze
meer werknemers hebben die arbeidsongeschikt raken.

Gedeeltelijk arbeidsgeschikten die een
eigen bedrijf willen beginnen, krijgen een extra fiscale stimulans.
Zij krijgen een aftrekpost van 12.000 euro in het eerste jaar,
8.000 euro in het tweede jaar en 4.000 euro in het derde jaar.
Voorwaarde is dat zij minstens 800 uur per jaar werken; dat is
minder dan de standaardeis van 1225 uur.

Dienstverlening aan huis

Door de nieuwe ‘regeling
dienstverlening aan huis’ worden particulieren die maximaal
drie dagen in de week een hulp in en rondom het huis nemen
vrijgesteld van het afdragen van premies en loonbelasting.

Kinderopvang

Door 125 miljoen euro extra uit te trekken
voor kinderopvang wil het kabinet de kinderopvang beter betaalbaar
maken. De extra investering leidt tot een flinke kostenbesparing
bij tachtig procent van de gezinnen die gebruikmaken van de
kinderopvang. Vooral de midden- en hogere inkomens gaan erop
vooruit. De inkomensgrens waarop de overheid bijdraagt in de kosten
voor het eerste kind, wordt verhoogd van 96.000 naar 130.000 euro.
Werkgevers worden verplicht bij te dragen in de kosten van
kinderopvang. Die bijdrage wordt geïnd via een verhoging van
het werkgeversdeel van de WW-premie. Voor ouders betekent dit dat
het in 2007 allemaal een stuk simpeler wordt: ze hebben voor de
bijdrage in de kosten van kinderopvang alleen nog maar te maken met
de Belastingdienst.

Door deze maatregelen kan het netto
voordeel voor huishoudens die 90.000 euro verdienen en
één of twee kinderen twee dagen op de opvang hebben,
oplopen tot bijna 900 euro per jaar (bij een belastbaar
gezinsinkomen van 90.000 euro). Als twee kinderen drie dagen naar
de opvang gaan, is het verschil (bij een belastbaar inkomen van
90.000 euro) 1300 euro per jaar. Ouders met een laag inkomen (130
procent van het minimumloon) betalen in 2007 voor het eerste kind
in de opvang 0,33 eurocent per uur, bij een gemiddelde uurprijs van
5,45 euro. Van de totale kosten van kinderopvang in Nederland in
2007 (circa 2 miljard euro) dragen de ouders gemiddeld 20% van de
kosten. Dit varieert bij het eerste kind van 3,5 % voor de ouders
met de laagste inkomens tot 66 % voor de ouders met de hoogste
inkomens

Verder lopen er in 2007 verschillende
projecten om de kwaliteit van de kinderopvang te verbeteren.
Daarnaast krijgen de basisscholen aan het begin van het schooljaar
2007-2008 de wettelijke taak om de aansluiting met de kinderopvang
te regelen.

Levensloopregeling

In 2007 krijgen deelnemers aan de
levensloopregeling een hogere korting op de inkomstenbelasting als
zij hun verlof opnemen. Dit bedrag was per deelgenomen jaar 185
euro en wordt 188 euro. Ouders die gebruikmaken van de
levensloopregeling en onbetaald ouderschapsverlof opnemen, krijgen
in 2007 ook een hoger fiscaal voordeel. Dit was in 2006 636 euro
per maand bij voltijd ouderschapsverlof en dat wordt in 2007 650
euro. De fiscale tegemoetkoming bij ouderschapsverlof kent een
maximum van drie maanden per kind. Beide ouders kunnen hier gebruik
van maken.

Arbeidsomstandigheden en arbeidstijden

Met het in werking treden van de nieuwe
Arbowet schrijft de overheid niet meer tot in detail voor op welke
manier ondernemingen hun werknemers veilig en gezond moeten laten
werken. De overheid regelt wèl wat het minimale
beschermingsniveau moet zijn, maar hoe werkgevers en werknemers dat
bereiken mogen zij samen bepalen. Vakbonden en
werkgeversorganisaties leggen de afspraken die zij in de
verschillende sectoren maken, vast in zogenoemde arbocatalogi.
Daarin kunnen bedrijven vervolgens opzoeken op welke manieren en
met welke middelen zij hun werknemers voldoende kunnen beschermen.
Doordat de nieuwe Arbowet veel minder regels voorschrijft, besparen
werkgevers in totaal 99 miljoen euro.

Met de nieuwe Arbeidstijdenwet die ingaat
vanaf 1 april 2007 krijgen werkgevers en werknemers meer ruimte om
samen afspraken te maken over werktijden. Er gaan minder regels
gelden voor het maximaal aantal uren dat iemand mag werken en voor
nachtarbeid. Aparte regels worden afgeschaft en pauzes worden een
zaak van de werkgever en de werknemer.

Pensioenen

Werknemers en gepensioneerden krijgen meer
zekerheid dat hun pensioenfonds solide genoeg is om de pensioenen
uit te betalen. Hiervoor worden strengere eisen gesteld aan het
eigen vermogen van de pensioenfondsen. Het toezicht op de
pensioenfondsen wordt volgend jaar versterkt, onder meer door een
nieuw financieel toetsingskader. De nieuwe Pensioenwet verplicht de
pensioenfondsen vanaf 2007 meer en duidelijkere informatie te geven
aan werknemers en gepensioneerden. Ook de medezeggenschap van
deelnemers aan pensioenregelingen is wettelijk geregeld.

Leren & werken

Het kabinet stelt in 2007 115 miljoen euro
beschikbaar voor projecten die leren en werken combineren. Met dat
geld kan onder andere de samenwerking tussen scholen, gemeenten,
kenniscentra, werkgevers en werknemers op regionaal niveau worden
verbeterd. Zo komen er onder andere extra leer-werktrajecten voor
volwassenen met te weinig opleiding en worden leer-werktrajecten
voor jongeren opgezet en komt er een fonds dat de samenwerking
tussen het beroepsonderwijs en bedrijfsleven gaat stimuleren.

Werknemers die een procedure volgen
waarbij zij hun elders verworven competenties (EVC) omzetten in een
diploma, komen onder voorwaarden in aanmerking voor een
belastingvoordeel. Werkgevers die een dergelijke EVC-procedure voor
hun werknemers betalen, krijgen een belastingvoordeel van 300
euro.

bron:SZW