Mr. Moszkowicz heeft op de pro formazitting van 6 oktober 2006 de rechtbank verzocht te interveniëren in de kwestie van de glaswand die verdachte en raadsman tijdens hun gesprekken in de Extra Beveiligde Inrichting (EBI) gescheiden houdt.De rechtbank heeft de verdachte Holleeder en zijn raadsman niet-ontvankelijk verklaard in dit verzoek.

Hierbij heeft de rechtbank overwogen (samengevat):
- De beslissing om af te wijken van de in de EBI geldende regels komt niet aan de rechtbank toe, maar alleen aan de directeur van de inrichting.
- Als de verdachte het niet eens is met de beslissing van de directeur kan hij hierover klagen bij de beklagcommissie van de inrichting en in hoger beroep bij een beroepscommissie uit de Raad voor Strafrechtstoepassing.
- Elke verdachte wordt het recht gegarandeerd zich te verdedigen en die verdediging voor te bereiden. Dit recht wordt hier door de glazen scheidingswand niet in de kern aangetast.
Het verdient aanbeveling -gelet op de bijzondere omstandigheden van dit geval- dat alle betrokkenen zich richten op het vinden van een oplossing. In dit verband merkt de rechtbank op dat voor haar aannemelijk is geworden dat de inmiddels teruggetreden officier van justitie Teeven heeft meegedeeld dat hij geen bezwaar zag tegen besprekingen tussen raadsman en cliënt zonder glazen wand.

Bron: Rechtbank Haarlem