Bestrijdingsmiddelen vaak verkeerd toegepast



Bestrijdingsmiddelen voor plaagdieren worden in 52 procent van de gevallen verkeerd toegepast. Dit blijkt uit een onderzoek van de VROM-Inspectie en de Voedsel en Waren Autoriteit (VWA) eind 2004 en begin 2005 bij 313 bedrijven. De VROM-Inspectie heeft onder meer de industriële levensmiddelenbedrijven, opslagbedrijven, energieproducenten en non-food bedrijven onder de loep genomen. De VWA de horeca, de ambachtelijke bedrijven en zorginstellingen. De Stichting Landelijke Inspectiedienst Dierenbescherming (LID) is ingeschakeld als tijdens inspecties bleek dat het welzijn van dieren geschaad werd. In het geval van tekortkomingen, is strafrechtelijk opgetreden.  

Aanleiding voor het onderzoek was de zorg van de inspecties over het gebruik van bestrijdingsmiddelen in de relatie tot het milieu, de volksgezondheid en het dierwelzijn.  
Daarnaast blijkt dat bij onjuist gebruik van bestrijdingsmiddelen plaagdieren resistent worden. Bedrijven die in het kader van de Bestrijdingsmiddelenwet zijn onderzocht zijn onder meer slachterijen, vleesverwerkende bedrijven, bakkerijen, visbedrijven, bierbrouwerijen, energiebedrijven, horeca, opslagplaatsen van levensmiddelen en non-food en zorginstellingen.  
De inspecteurs hebben gekeken of de dierplaagbestrijders in het bezit zijn van een diploma. Het gebruik van bestrijdingsmiddelen is namelijk alleen toegestaan door gediplomeerde dierplaagbestrijders. Meer dan 10% van de onderzochte bedrijven bleek echter onbevoegd beroeps- of bedrijfsmatig bestrijdingsmiddelen te gebruiken. 
Daarnaast is gecontroleerd of in het geval van gebruik van bestrijdingsmiddelen voorafgaand voldoende preventieve maatregelen zijn genomen. Uitgangspunt bij het beheersen van dierplagen is en blijft preventie. Dit kan via het nemen van bouwtechnische- en hygiënemaatregelen. Als dit onvoldoende resultaat oplevert, kunnen bijvoorbeeld bestrijdingsmiddelen worden ingezet. Ook hier zijn op grote schaal hygiënische en bouwtechnische tekortkomingen vastgesteld. Met als gevolg: onrechtmatig en onjuist gebruik van bestrijdingsmiddelen. 
De inspecties hebben eveneens gekeken of de gebruikte bestrijdingsmiddelen in Nederland zijn toegestaan en of ze op de juiste manier worden gebruikt. In twee gevallen is een niet toegelaten bestrijdingsmiddel aangetroffen.  
Ook blijkt uit het onderzoek dat de opdrachtgevers, de bedrijven waar de dierplaagbeheersing/wering/bestrijding wordt uitgevoerd, vaak niet of onvoldoende de aanbevelingen van de dierplaagexpert opvolgen.  
 
Tijdens het onderzoek is eveneens gekeken naar het gebruik van zogenaamde lijmplanken. Bij 10 van de 313 bedrijven (0,3%) die door de VROM-Inspectie en de VWA zijn geïnspecteerd, zijn dergelijke overtredingen aangetroffen. In deze gevallen is de Stichting Landelijke Inspectiedienst Dierenbescherming (LID) ingeschakeld. Door de LID is zes maal proces-verbaal opgemaakt en er is vier maal een schriftelijke waarschuwing verstuurd. 
 
bron:VROM



Comments are closed.
%d bloggers liken dit: