Commissies rijksoverheid zijn van groot belang



In het politiek-bestuurlijke debat worden
commissies vaak gezien als exponent van de Nederlandse
poldercultuur, de typisch Haagse praatcircuits, waar we nu
eindelijk eens vanaf zouden moeten. Ten onrechte, zo betogen Martin
Schulz, Mark van Twist en Henk Geveke in hun vandaag verschenen
boek 'Besturen in commissie'. De commissies die de auteurs hebben
onderzocht (ruim 350 over de periode 1995-2005) dragen er aan bij
dat lastige kwesties worden aangepakt, impasses worden opgeruimd en
taboes worden doorbroken.

De bestuurlijke logica in Den Haag is voor
buitenstaanders vaak niet goed te volgen.

Enerzijds is het bon ton om te roepen dat
er te veel commissies zijn. Anderzijds zijn er de afgelopen jaren
wel steeds meer commissies ingesteld - vaak door dezelfde
bestuurders en politici die er zo kritisch over zijn. Tijdens de
kabinetsperiodes Balkenende I en II zijn gemiddeld 36 commissies
per jaar ingesteld. Onder de kabinetten Kok I en II waren dat er
jaarlijks gemiddeld nog 21.

Dat er ondanks alle kritiek op commissies
in de media toch nog zo graag een beroep op wordt gedaan, maakt wel
duidelijk dat ze bij nader inzien belangrijke functies vervullen.
Martin Schulz, die in het kader van zijn promotie, aan de
Universiteit van Tilburg, onderzoek doet naar commissies en tevens
verbonden is aan Berenschot:'Voorzitter en leden verbinden hun
reputatie aan het resultaat van hun doorgaans lastige
werkzaamheden. Daarvoor ontvangen zij vaak een bescheiden
vergoeding. Commissies zijn dan ook een relatief goedkoop
instrument om bijvoorbeeld op onafhankelijke wijze onderzoek te
laten doen of advies in te winnen en draagvlak te verwerven op een
wijze waarvan veel gezag uitgaat.'

Naast het bestaande instrumentarium van
onderzoek-, advies- en evaluatiecommissies heeft de overheid ook
een ander soort commissies nodig. Commissies die veranderingen
aanjagen, zoals de Taskforce Jeugdwerkloosheid van Hans de Boer,
zijn er tot op heden weinig. 'In het huidige tijdsgewricht horen
we vaak dat de kloof tussen beleid en uitvoering te groot is
geworden. Commissies, die een bundeling van kennis en ervaring
vormen, zouden een rol kunnen spelen in het overbruggen van deze
kloof,' aldus Schulz.

Veel van de bekende vooroordelen over
commissies worden niet door feiten ondersteund. Zo zijn commissies
niet te duur, zijn het niet altijd dezelfde bekende oud-bestuurders
en politici die commissies voorzitten en leveren commissies wel
degelijk bruikbare resultaten op.

bron:Berenschot



Comments are closed.
%d bloggers liken dit: