CTG/ZAio maakt innovatie in thuiszorg mogelijk



Het College tarieven gezondheidszorg/de Zorgautoriteit in oprichting
wil vanaf juli twee innovatieve experimenten in de thuiszorg gaan
financieren. Het gaat om screen-to-screen zorg en de elektrische
kousenhulp. De bekostiging van extramurale AWBZ zorg vindt nu plaats
door middel van het 'uurtje factuurtje' principe. Alleen de zorg die
daadwerkelijk fysiek bij een cliënt wordt geleverd, mag door
zorginstellingen worden gedeclareerd.  

 
Voorzitter van CTG/ZAio, Frank de Grave: 'Kansrijke innovatieve
initiatieven die in de sector zelf worden genomen, moeten worden
gecontinueerd, verdiept en uitgebreid. Iedereen heeft er namelijk baat
bij. De BV Nederland, omdat we meer zorg per 'zorgeuro' krijgen en
tevens met het oog op de krapte op de arbeidsmarkt voor zorgpersoneel,
de betrokkenen omdat ze een betere service en meer vrijheid krijgen,
maar ook het zorgpersoneel zelf omdat de werkdruk wordt verminderd'.
Sinds 1 februari kan CTG/ZAio dergelijke experimenten financieel
faciliteren, omdat een aanpassing van de Wet tarieven gezondheidszorg
daar de mogelijkheid voor biedt.   
 
Screen-to-screen zorg  
Het screen-to-screen experiment is een vorm van zorgverlening op
afstand. Een technologische ontwikkeling waarbij een cliënt door een
verpleegkundige via de televisie of een computer wordt 
geïnstrueerd verzorgende en eenvoudige medische handelingen zelf uit te
voeren. Eventueel kan dat ook door een partner of familielid worden
gedaan. De Grave: 'Meer zorg met hetzelfde aantal medewerkers, meer
vrijheid voor de cliënt. De wachtlijsten nemen af en de BV Nederland
profiteert mee. Een prachtig voorbeeld van een win-win
situatie'.    
 
Elektrische kousenhulp  
In Nederland dragen zo'n 250.000 mensen steunkousen. Het aan- en
uittrekken van de kousen is een zware klus en kan een cliënt vaak niet
alleen. Assistentie van een zorgverlener is dan ook vaak vereist. De
elektrische kousenhulp is een apparaat dat steunkousen kan uittrekken.
Zorgverleners hoeven niet meer alleen voor het uittrekken van
steunkousen bij cliënten langs, maar worden in plaats daarvan ingezet
bij mensen die meer zorg nodig hebben of op de wachtlijst staan. De
Grave: 'Voor dit experiment gelden dezelfde voordelen als voor de
screen-to-screen zorg. Daar komt bij dat de verzorgende minder vaak
ziek zal zijn vanwege het wegvallen van de zware fysieke belasting van
het uittrekken van de steunkousen'.   
 
Financiering  
Zowel de screen-to-screen zorg als de elektrische kousenhulp worden
momenteel op verschillende plaatsen in Nederland getest. Tot voor kort
was financiering van innovatieve experimenten als screen-to-screen zorg
uit zorgvernieuwingsgelden mogelijk. Met ingang van 2005 zijn deze
gelden volledig komen te vervallen. CTG/ZAio wil vanaf juli via een
beleidsregel een financieel alternatief bieden. De Grave: 'De oplossing
wordt gezocht in een aanpassing van de huidige declaratiesystematiek in
de vorm van een 'substituut zorgprestatie', die naast de gebruikelijke
aspecten van een experimenteerbeleidsregel wordt opgenomen'. 
 
 
Een experiment om de kousenhulp op grotere schaal in te kunnen gaan
zetten, leent zich voor een alternatieve manier van prijs- of
prestatieregulering. Ook hier wordt de oplossing gezocht in een
aanpassing van de huidige declaratiesystematiek in de vorm van een
'substituut zorgprestatie'. Deze substituut zorgprestatie, het
uittrekken van de steunkousen, zou dan op basis van een vaste
tijdseenheid per dag, bijvoorbeeld 15 minuten per cliënt, mogen worden
gedeclareerd tegen het tarief dat geldt voor een zorgprestatie
'verzorging basis' (EUR 39,10 per uur). De Grave: 'Zo kunnen de
instellingen die meedoen aan het experiment de uren die zouden worden
ingezet zonder elektrische kousenhulp toch declareren'. De
kostenbesparing per jaar kan worden benut om extra zorg te realiseren.
CTG/ZAio wil bovendien de uitleenlijst, zoals opgenomen in de
Beleidsregel extramurale zorgprestaties, aanpassen. Zo wordt de
mogelijkheid gecreëerd het apparaat ook voor kortdurend gebruik te
verstrekken.  
   
In overleg met de koepel van de thuiszorginstellingen, de LVT, zal
worden bekeken welke instellingen in aanmerking komen voor de
experimenten. Daarbij wordt ook gekeken naar een gelijkmatige
geografische spreiding.   
 
De experimenten worden na een half jaar geëvalueerd. De
experimenteerbeleidsregels en de daarin opgenomen substituut
zorgprestaties worden in overleg met de betrokken partijen geformuleerd
en ter vaststelling voorgelegd aan het bestuur van CTG/ZAio. Daarna
wordt de beleidsregel ter goedkeuring gezonden aan de minister van
VWS.   
Het College tarieven gezondheidszorg/de Zorgautoriteit i.o. (CTG/ZAio)
stelt de tarieven en budgetten vast voor instellingen en
beroepsbeoefenaren in de gezondheidszorg. CTG/ZAio is een bij wet
ingesteld zelfstandig bestuursorgaan.  

Bron: CTGZORG



Comments are closed.
%d bloggers liken dit: