Daling ziekteverzuim levert jaarlijks 265 miljoen op



Eerste arboconvenanten afgerond: 265 miljoen euro minder verzuimkosten
 
 
De doelstellingen van in 2004 afgeronde arboconvenanten om
ziekteverzuim en WAO-instroom terug te dringen zijn over het algemeen
(ruim) gehaald. Werkgevers uit deze sectoren besparen daardoor
jaarlijks 265 miljoen euro op ziektekosten. Hierbij spelen uiteraard
ook andere factoren een rol, zoals de economische situatie en de Wet
verbetering Poortwachter. Wel is duidelijk dat het ziekteverzuim harder
daalt in sectoren met een arboconvenant dan in sectoren zonder
convenant. Het gaat bijvoorbeeld om de convenanten voor academische
ziekenhuizen, gemeenten en geestelijke gezondheidszorg.   
 
Dit staat in de 'Jaarrapportage arboconvenanten 2004' die
staatssecretaris Van Hoof van Sociale Zaken en Werkgelegenheid naar de
Tweede Kamer heeft gestuurd. In arboconvenanten maken overheid en
werkgevers en werknemers afspraken over de verbetering van de
arbeidsomstandigheden en afname van ziekteverzuim en het aantal WAO'ers
in een specifieke sector. Inmiddels zijn de resultaten van negen in
2004 afgeronde convenanten bekend geworden.   
 
Van Hoof is positief over de tussentijdse resultaten van de
arboconvenanten. Het ziekteverzuim in sectoren mét een arboconvenant is
voor het tweede jaar sterker gedaald dan in sectoren zonder. In 2003
daalde het ziekteverzuim in de sectoren met een convenant met 12,3
procent, in vergelijking met een daling van 10,3 procent in sectoren
zonder convenant. Het jaar ervoor was die daling al 8,9 procent voor de
sectoren met en 1,4 procent voor de sectoren zonder convenant. Als de
doelstellingen uit alle arboconvenanten worden gehaald, dan levert dat
werkgevers jaarlijks een besparing van 900 miljoen euro op het
ziekteverzuim op (inclusief de behaalde resultaten van de voltooide
convenanten). Hier staat een eenmalige investering van bijna 300
miljoen euro tegenover.   
 
In totaal waren eind 2004 62 arboconvenanten gesloten. De helft van de
Nederlandse werknemers viel onder de gemaakte afspraken. Als in 2005 de
laatste zes arboconvenanten zijn gesloten, valt 52 procent van de
werknemers (3,7 miljoen werknemers) onder een convenant. De meest
gemaakte afspraken gaan over het aan de slag helpen van zieke
werknemers en het verminderen van werkdruk en lichamelijke
belasting.   
 
Uit de rapportage blijkt dat het merendeel van de sectoren (57 procent)
de gemaakte afspraken over arbeidsomstandigheden bevestigen en
uitwerken in CAO-afspraken. Van Hoof verheugt zich hierover, omdat de
CAO-afspraken juridisch 'harder' zijn en kunnen zorgen dat sociale
partners blijvende aandacht hebben voor de arbeidsomstandigheden in de
eigen sector.   

Bron: ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid



Comments are closed.
%d bloggers liken dit: