Vandaag verschijnt de publicatie ‘De Nederlandse economie 2005’. In deze publicatie geeft het CBS een overzicht van de belangrijkste sociaal-economische ontwikkelingen in 2005.

De Nederlandse economie is in 2005 gegroeid met 1,5 procent. In de eerste helft van 2006 zette de groei versneld door. De uitvoer is de belangrijkste motor van de economische groei, maar daarnaast leverden ook de investeringen en consumptie door huishoudens weer een bijdrage. Het aanhoudende herstel van de economie leidde tot een duidelijke omslag op de arbeidsmarkt. In de loop van 2005 begon de werkloosheid te dalen en de werkgelegenheid te groeien. Het bedrijfsleven zag de winsten in 2005 stijgen. De overheid had nauwelijks nog een tekort.

Uitvoer motor economie
Ook in 2005 wordt de economische groei in belangrijke mate gedragen door de export. Het volume van de uitvoer van goederen en diensten groeide in 2005 met 5,5 procent. Dat is vrijwel gelijk aan het groeipercentage van de relevante wereldhandel. Nederland profiteerde als handels- en transportland van deze sterke stijging van de wereldhandel, wat resulteerde in een forse groei van de wederuitvoer. De uitvoer van Nederlands product steeg bescheiden.

Herstel consumptie huishoudens
De consumptie door huishoudens groeide in 2005 met een bescheiden 0,7 procent. In de tweede helft van 2005 liet de consumptie voor het eerst sinds jaren weer een duidelijke groei zien. Deze positieve ontwikkeling zette door in de eerste helft van 2006. De aantrekkende consumptie hangt samen met de verbeterde situatie op de arbeidsmarkt. Ook de koersstijgingen op de aandelenbeurzen en stijgende huizenprijzen hebben waarschijnlijk een stimulerend effect op de consumptie gehad. Verder kan de vrijval van het spaarloon in de tweede helft van 2005 bij de groei een rol hebben gespeeld. Het consumentenvertrouwen liet na medio 2005 een duidelijke verbetering zien.

Omslag op arbeidsmarkt
In 2005 was een omslag te zien op de arbeidsmarkt. Nadat de werkloosheid vier jaar lang toenam, daalt het aantal werklozen sinds medio 2005 weer. Het werkloosheidspercentage in 2005 van 6,5 procent was gelijk aan dat van 2004. Bij de werkgelegenheid is eenzelfde beeld te zien. Het banenverlies voor werknemers was met 0,3 procent relatief beperkt in vergelijking met de forse dalingen in 2003 en 2004. Vanaf het vierde kwartaal van 2005 groeit het aantal banen van werknemers weer.

Winsten ondernemingen stijgen
Dankzij de export en de aantrekkende binnenlandse bestedingen steeg de productie in de marktsector. De arbeidsproductiviteit groeide in 2005, terwijl de lonen slechts licht stegen. Hierdoor daalden de loonkosten per eenheid product voor het tweede jaar op rij. De winsten in de marktsector stegen in 2005. Het aandeel van de beloning van arbeid in de totale toegevoegde waarde, de arbeidsinkomensquote, daalde ruim 1 procentpunt.

Inkomen van huishoudens afgenomen
Het beschikbaar inkomen van huishoudens steeg in 2005 weliswaar met 1,0 procent, maar de inflatie bedroeg 1,7 procent. Dit betekent dat het reëel beschikbare inkomen met 0,7 procent gedaald is. Huishoudens gaven in 2005 meer geld uit dan zij ontvingen, waardoor er werd ontspaard. Daarmee was 2005 het derde jaar op rij met negatieve besparingen.

Verder in De Nederlandse economie 2005
In De Nederlandse economie 2005 komen verder onder meer aan bod:

- Het herstel van de werkgelegenheid in de tweede helft van 2005 ging samen met een sterke toename van het aantal uitzenduren. De uitzendbranche speelt binnen de conjunctuurcyclus vooral in de eerste fase van economisch herstel een belangrijke rol.

- De groei van de economie in 2005 ging gepaard met een afname van het aantal verstrekte WW-, WAO- en bijstandsuitkeringen. Sinds 1965 is een gelijktijdige daling van deze drie sociale uitkeringen slechts eenmaal eerder voorgekomen. Deze zeldzame gebeurtenis komt vooral op het conto van de daling van het verstrekte aantal WAO-uitkeringen als gevolg van beleidsveranderingen en een toegenomen verantwoordelijkheid voor werkgevers.

- Binnen de EMU en de Verenigde Staten wordt een centraal monetair beleid gevoerd. Het fiscale beleid verschilt echter. Het overheidstekort van de VS is sinds 2002 hoger dan het EU-gemiddelde. In relatie tot de omvang van de economie was de Amerikaanse staatsschuld tussen 1999 en 2005 echter lager dan de opgetelde schuld binnen de EU.

- De komst van de nieuwe EU-lidstaten blijkt een aanzienlijk effect te hebben gehad op de handel met Nederland. Vooral de Nederlandse handel met Polen, Hongarije en Tsjechië is sinds 2004 sterk toegenomen. Een aanzienlijk deel van deze toename is het gevolg van de toetreding van deze landen tot de EU.

- De toetreding van de nieuwe EU-lidstaten heeft geleid tot een snel groeiende stroom arbeidsmigranten naar Nederland. In absolute zin gaat het echter (nog) om kleine aantallen. Tegenover vier migranten uit de EU-15 stond in 2005 één migrant uit de nieuwe lidstaten.

- India heeft zich de afgelopen jaren in hoog tempo ontwikkeld tot een van de belangrijkste opkomende economieën ter wereld. De economische opmars van het dichtbevolkte land wordt verklaard, waarbij zowel de dienstensector in India als de snelgroeiende handelsstromen met Nederland aan bod komen.

bron:CBS