Droge voeten steeds duurder



Huishoudens worden dit jaar opnieuw geconfronteerd met sterk stijgende waterschapslasten. De stijging van de gemeentelijke woonlasten is dit jaar uitzonderlijk laag. Dit blijkt uit de Atlas van de lokale lasten 2005 van het Centrum voor Onderzoek van de Economie van de Lagere Overheden (COELO) van de Rijksuniversiteit Groningen. COELO onderzocht, zoals ieder jaar, de tarieven in alle gemeenten, provincies en waterschappen in Nederland.

Huishoudens betalen drie heffingen aan de waterschappen. De `omslag gebouwd' is gebaseerd op de woningwaarde. Het tarief hiervan stijgt in 2005, gecorrigeerd voor de nieuwe WOZ-waarden, met 10 procent. De ingezetenenomslag, een vast bedrag per huishouden, stijgt met 13 procent. De opbrengst van beide heffingen wordt vooral gebruikt voor het onderhouden van dijken en op peil houden van het oppervlaktewater. De lastenstijging voor huishoudens wordt deels veroorzaakt doordat de waterschapsbesturen de lasten verschuiven van grondeigenaren zoals boeren naar huiseigenaren en inwoners.

Voor de ingezetenenomslag zijn huishoudens het meest kwijt in waterschap Hollandse Delta (dat loopt van Hoek van Holland tot Vianen; 84 euro) en het minste in waterschap Vallei en Eem (van Baarn tot Ede; 15 euro). De omslag gebouwd varieert van 0,22 euro per 2.268 euro woningwaarde in Hoogheemraadschap Amstel, Gooi en Vecht tot 1,44 euro in waterschap Zeeuwse Eilanden. De stijging van de verontreinigingsheffing is lager, namelijk 3,4 procent. Deze heffing, waarmee de waterzuivering wordt gefinancierd, varieert van 124 euro in waterschap Aa en Maas (Noordoost-Brabant) tot 194 euro in waterschap Hunze en Aa's (Oost-Groningen en Noordoost-Drente). Gemiddeld zijn huishoudens dit jaar 204 euro kwijt aan waterschapslasten.

De gemeenten verhogen hun woonlasten met gemiddeld 3,3 procent. Dat is de kleinste stijging sinds het verschijnen van COELO-atlas in 1997. Gemiddeld betaalt een huishouden 730 euro aan de gemeente. Doordat het Rijk de zalmsnip heeft afgeschaft stijgen de lasten 45 euro boven de door de gemeente vastgestelde verhoging. Deze lastenstijging zit verwerkt in het landelijke inkomensbeleid. Verder keren 41 gemeenten op eigen kosten nog een korting uit. De hoogste korting bedraagt 165 euro (Blaricum). De gemeentelijke woonlasten zijn het hoogst in Blaricum (1.424 euro) en het laagst op Ameland (483 euro). De grootste stijging vindt plaats in Harenkarspel (+32 procent). De stijging van de tarieven van de reinigingsheffing is opvallend laag (+1,6 procent). Van de gemeentelijke woonbelastingen stijgt het rioolrecht veruit het sterkst (+5,9 procent), gevolgd door de OZB (+4,8 procent).

Nieuw in de COELO-atlas is een overzicht van de tarieven voor onder andere een paspoort, het verlengen van een rijbewijs en een uittreksel uit het bevolkingsregister. De kosten voor een paspoort zijn in de meeste gemeenten (bijna) gelijk aan het maximaal toegestane tarief van 38,83 euro. De kosten voor het verlengen van een rijbewijs variëren van 18 euro in Beuningen tot 56 euro in Zwolle. De kosten voor een uittreksel uit het geboorteregister zijn het laagste in Wester-Koggenland (1,50 euro) en het hoogte in Zwolle (13 euro). Gemeenten mogen geen winst maken op hun leges. Ze mogen wel onder de kostprijs werken. In de ene gemeente ligt de kostprijs hoger dan in de andere. Dat kan onder meer te maken hebben met de verleende service (uitgebreide openingsuren, korte wachttijden).

bron:rijksuniversiteit Groningen



Comments are closed.
%d bloggers liken dit: