De Nederlandse economie is in het derde
kwartaal van 2006 met 2,6 procent gegroeid. Deze groei van het
bruto binnenlands product (BBP) is behaald met een werkdag minder
dan vorig jaar. De groei van de uitvoer en van de consumptie van
huishoudens was dit kwartaal iets minder dan in het eerste
halfjaar. De investeringen trokken echter verder aan. De uitvoer
blijft de belangrijkste pijler onder de economische groei. Ook de
werkgelegenheid blijft stijgen. Er waren 84 duizend banen meer dan
een jaar eerder. Dit blijkt uit de eerste raming van de
kwartaalrekeningen van het CBS.

Kwartaal-op-kwartaalgroei 0,6 procent

Het volume van het BBP was in het derde
kwartaal 0,6 procent hoger dan in het tweede kwartaal van 2006.
Hierbij is rekening gehouden met werkdag- en seizoeneffecten. Deze
kwartaal-op-kwartaalgroei is een fractie minder dan gemiddeld in de
eerste helft van dit jaar.

Uitvoer groeit iets langzamer

Het volume van de uitvoer van goederen en
diensten was in het derde kwartaal 6,1 procent hoger dan een jaar
eerder. Daarmee steeg de uitvoer iets minder dan in de eerste helft
van 2006, maar iets meer dan in heel 2005. De lichte
groeivertraging komt voor rekening van de uitvoer van Nederlands
product. De wederuitvoer liet nog steeds een zeer grote groei
zien.

De invoer groeide iets sterker dan de
uitvoer. De invoergroei komt niet alleen door de wederuitvoer, maar
voor een belangrijk deel ook door de aantrekkende binnenlandse
bestedingen en productie.

Aanhoudende groei
consumentenbestedingen

Huishoudens hebben in het derde kwartaal
2,0 procent meer besteed dan in hetzelfde kwartaal van 2005.
Hierbij is gecorrigeerd voor prijsveranderingen en veranderingen in
het zorgstelsel. Deze groei is hoger dan in de jaren 2001 tot en
met 2005, maar minder dan in de eerste helft van dit jaar. Dit komt
vooral door de bestedingen aan duurzame consumptiegoederen. De
groei hiervan blijft hoog, maar is minder uitbundig dan in het
eerste halfjaar. Het volume van de overheidsconsumptie bleef
ongewijzigd.

Investeringen trekken sterk aan

In het derde kwartaal van 2006 is 6,1
procent meer geïnvesteerd dan in hetzelfde kwartaal van 2005.
Vooral in machines, de belangrijkste investeringscategorie voor het
bedrijfsleven, maar ook in bedrijfsauto’s en in computers
werd fors meer geïnvesteerd. Ook de investeringen in woningen
en infrastructuur waren duidelijk hoger.

Hogere productie commerciële
dienstverleners en bouwers

In het derde kwartaal was de productie in
de meeste bedrijfstakken hoger. Dit geldt vooral voor de
commerciële dienstverleners en de bouw. Binnen de
commerciële dienstverlening was de groei het hoogst in de
uitzendbranche, de groothandel en het bankwezen. De detailhandel
groeide flink door de toegenomen kooplust van de consumenten. De
bouwnijverheid profiteerde van de toegenomen
investeringsactiviteit.

De productiegroei in de industrie was
bescheiden. De productie in de landbouw liep zelfs licht terug. De
productie van de energiesector was lager, omdat minder
elektriciteit werd opgewekt en minder aardgas werd gewonnen. Er
werd meer aardgas en elektriciteit ingevoerd. De groei van de
niet-commerciële dienstverlening was zeer gering. De
zorgsector groeide bescheiden, terwijl het overheidsbestuur
kromp.

Werkgelegenheid blijft onverminderd
stijgen

In het derde kwartaal van 2006 waren er 84
duizend banen van werknemers meer dan een jaar geleden. Deze groei
van 1,1 procent is gelijk aan die in de eerste helft van dit jaar.
In arbeidsjaren (voltijdbanen) valt de groei met 0,9 procent iets
lager uit. Dit komt doordat het aantal deeltijdbanen sterker
toeneemt dan het aantal voltijdbanen.

Na correctie voor seizoeninvloeden is het
aantal banen in het derde kwartaal 0,3 procent hoger dan in het
tweede kwartaal van 2006. Ook hieruit blijkt dat de werkgelegenheid
in vrijwel hetzelfde tempo blijft toenemen.

bron:CBS