De ontvoering van 23 Zuid-Koreaanse
kerkelijke vrijwilligers in Afghanistan heeft in Zuid-Korea de
vraag doen rijzen of de evangelische kerken in dat land niet te
gretig willen evangeliseren, meldt persbureau Reuters. Naar
schatting werken er 17.000 Zuid-Koreaanse christelijke evangelisten
in het buitenland, velen van hen in politiek instabiele landen.

Donderdag werden de 23 christenen ontvoerd
in de provincie Ghazni. De ontvoerders, die banden hebben met de
radicale Taliban, willen de gijzelaars ruilen voor een gelijk
aantal gevangenen, en eisen de terugtrekking van Zuid-Koreaanse
troepen uit Afghanistan.

Diverse toonaangevende kranten zetten
vraagtekens bij de beslissing van de kerken om evangelisten naar
Afghanistan te sturen, ondanks waarschuwingen van de overheid om
dat niet te doen.

''Religieuze groeperingen moeten voor
eens en altijd beseffen dat gevaarlijke zendingsactiviteiten en
vrijwilligerswerk in Islamitische landen als Afghanistan de
nationale interesses van Korea beschadigen en landgenoten in gevaar
brengen'', stelde de rechtse krant Chosun Ilbo maandag in een
redactioneel commentaar.

Wedstrijd

Volgens leden van de Saemmul-kerk, die 23
van haar leden naar Afghanistan stuurde, zijn de overtuigingen van
de kerk gematigd en concentreren de kerkelijk werkers zich op
vrijwillige medische assistentie en humanitair werk.

Voor veel rijke Zuid-Koreaanse kerken is
het sturen van zendelingen en vrijwilligers naar het buitenland
echter een wedstrijd geworden. Het aantal zendelingen in het
buitenland wordt door kerken onderling vaak gebruikt als graadmeter
voor de sterkte van het aangehangen geloof.

De kerken voeren niet alleen een strijd
over de sterkte van het geloof, maar ook over hoe ver zij gaan in
de verspreiding ervan. Sommige kerkleiders hebben onlangs
opgeschept over hoe zij illegale zendelingen stuurden naar landen
die hier geen visa voor verlenen.

Vechten om werk

Deze praktijk leidde weer tot kritiek van
andere religieuze groeperingen. Die waren bang dat de inwoners van
diverse landen het verschil niet meer zouden zien tussen normale
kerkelijke vrijwilligers en de illegaal gestuurde
'zieltjesjagers'.

''Ik heb deze zendingsdrang nergens
anders ter wereld gezien'', zegt godsdienstsocioloog Song
Jae-ryong van de Kyunghee Universiteit in Seoul. Volgens hem hebben
kerken, ondanks het vele goede werk, soms last van een
oppervlakkige wereldvisie. ''Evangelisten uit Zuid-Korea hebben
vaak de neiging hun geloof aan anderen op te dringen, ondanks de
precaire omstandigheden van het land waarin ze proberen te
werken'', aldus Song.

Het aantal christenen in Zuid-Korea is een
van de grootste in Azië - ongeveer 30 procent van de Koreanen
rekent zich tot een christelijke kerk. Het christendom wordt in het
na-oorlogse Korea gezien als de weg naar betere scholing en een
hogere sociale positie.

De overweldigende aanhang van de
evangelische kerken leidt ook in Zuid-Korea zelf tot problemen. In
kleine plaatsen werken soms honderden evangelische christenen.
Volgens de links georiënteerde krant Hankyoreh vechten de
kerken in die plaatsen om het beschikbare vrijwilligerswerk.

Bron: IKON