De tot nu toe gangbare werkwijze van gasnetbeheerders bij reparaties aan gasdistributieleidingen kan leiden tot risicovolle situaties en ongevallen. De gasbranche
dient op zoek te gaan naar innovatieve alternatieven voor het uitvoeren van reparaties aan
leidingen waar gas door stroomt. Ook moeten gasnetbeheerders hun werkinstructies
aanscherpen. Dat concludeert de Onderzoeksraad voor Veiligheid, onder leiding van prof.
mr. Pieter van Vollenhoven na een onderzoek naar een ongeval in Assen waarbij op 30
september 2004 een monteur van Essent gewond raakte. Deze monteur was op straat  bezig
met het repareren van een lek aan een gasleiding. Bij deze werkzaamheden stroomde aardgas
uit de leiding. Dit gas is waarschijnlijk in brand gevlogen door de waakvlam van een
gaskachel in een dichtbijgelegen woonhuis. De ventilatieopening van deze kachel bevond
zich op een paar meter afstand van de werkplek.

Uit onderzoek door de Onderzoeksraad is gebleken dat vrije uitstroming van aardgas onder
bepaalde condities vrij gemakkelijk en binnen enkele seconden tot op tien meter van het
uitstroompunt tot ontbranding kan komen. Men gaat er doorgaans van uit dat de ontsteking
van uitstromend gas te voorkomen is door de duur van de uitstroming zo beperkt mogelijk
te houden en ontstekingsbronnen op afstand te houden. Dat lukt alleen niet altijd en dan
kunnen gevaarlijke situaties ontstaan. De werkinstructies in de branche houden hier nog
onvoldoende rekening mee.

Deze risicos bij het verrichten van reparaties aan het gasdistributienet lijken op die van
bijvoorbeeld de chemische industrie. Daar is echter een ander regime van inspectie en
toezicht van toepassing. De Onderzoeksraad beveelt de Arbeidsinspectie aan om de wijze
van toezicht op de gassector te herzien en haar houding meer proactief te laten zijn. De
Arbeidsinspectie wordt daarom aanbevolen haar kennis ten aanzien van de risicos van en
ongevallen met aardgas beter en preventiever in te zetten.

bron:Raad voor Transportveiligheid