In de politieregio Hollands Midden draagt
dit jaar 98% van de automobilisten de gordel. Vorig jaar was dat
nog 84%. Samen met Noord-Holland-Noord (100%) en Twente (99%) voert
ons korps hiermee de landelijke stijging van het gordelgebruik
aan.

Landelijk beeld

Het gebruik van de gordel is in 2006
opnieuw behoorlijk gestegen. Bestuurders van zowel personen- als
bestelauto's hebben steeds vaker de gordel om. In 2006 droeg 94
procent van de bestuurders van personenauto's een gordel ten
opzichte van 90 procent in 2004. Voor bestuurders van bestelauto's
draagt 80 procent een gordel in vergelijking met 77 procent in
2004. Dit blijkt uit onderzoek in opdracht van het ministerie van
Verkeer en Waterstaat en het Bureau Verkeershandhaving Openbaar
Ministerie (BVOM) dat is uitgevoerd door de Adviesdienst Verkeer en
Vervoer (AVV). De goede resultaten zijn voor een belangrijk deel te
danken aan de controles van de politie in combinatie met de
goochem-campagne.

Ook de andere inzittenden van
personenauto's en van bestelauto's zijn vaker de gordel gaan
dragen. Passagiers voorin dragen even vaak de gordel als de
bestuurder. Ook het gordelgebruik op de achterbank laat een
stijging zien ten opzichte van voorgaande jaren naar 74 procent. De
bestuurder heeft nog altijd een belangrijke voorbeeldfunctie. Als
de bestuurder van een personenauto de gordel draagt, doet driekwart
van de achterpassagiers dat ook. Opmerkelijk is ook de verbetering
van het gordelgebruik binnen de bebouwde kom. Terwijl dat in de
voorgaande jaren doorgaans circa 5 tot 10 procent achterbleef bij
het gebruik buiten de kom, wordt de gordel in 2006 net zo vaak
binnen als buiten de kom gedragen.

Kinderzitjes

Met ingang van 1 maart 2006 is de
regelgeving voor het vervoer van kinderen in de auto gewijzigd.
Voor kinderen kleiner dan 1,35 meter is sindsdien een goedgekeurd
kinderzitje verplicht. Hierover is begin 2006 een landelijke
campagne gehouden. Uit het onderzoek blijkt dat het gebruik van
kinderzitjes na de invoering van de nieuwe regelgeving fors is
gestegen. Ten opzichte van 2004 is er sprake van een verdubbeling:
van 25 procent naar 56 procent. Het aandeel kinderen dat zonder
gordel los op een stoel zit is gedaald van 25 procent in 2004 naar
10 procent in 2006.

Hoofdsteunen

De hoogteafstelling van hoofdsteunen is in
2006 ten opzichte van 2004 niet verbeterd. Het aandeel bestuurders
van personenauto's met een goed afgestelde hoofdsteun is gelijk
gebleven namelijk 46 procent, maar voor passagiers is het gedaald.
In 2006 is bij 47 procent van de passagiers de hoofdsteun goed
afgesteld tegenover 55 procent in 2004. Een goed afgestelde
hoofdsteun (hoog genoeg en dicht bij het hoofd) biedt bij een
aanrijding bescherming tegen nekletsel (whiplash).

Regionale verschillen

In de politieregio Noord-Holland-Noord is
100 procent gordelgebruik onder bestuurders van personenauto's
waargenomen, in Twente 99 procent en in Hollands Midden 98 procent.
In de politieregio Midden-West-Brabant (86 procent) dragen
bestuurders in 2006 het minst vaak de gordel, gevolgd door
Rotterdam-Rijnmond (91procent).

De grootste stijgingen van het
gordelgebruik zijn waargenomen in de politieregio's Hollands
Midden (84 naar 98 procent, Rotterdam-Rijnmond ( 79 naar 91
procent) en Zeeland (86 naar 97 procent).

bron:Politie Hollands Midden