Het interdepartementale beleid voor de maatschappelijke opvang boekt vooruitgang.



Dat schrijft staatssecretaris Ross, mede namens de ministeries van BZK, Justitie, VROM en SZW. In haar brief informeert Ross de Tweede Kamer over de voortgang van het beleid. Ze verwacht dat het beleid voor 85 procent van de cliënten in de maatschappelijke opvang vruchten afwerpt.

Zorg toegankelijker
Ross is tevreden over de zorg en begeleiding voor mensen met zware psychische en verslavingsproblematiek. Mede dankzij de modernisering van de AWBZ is de zorg toegankelijker geworden voor groepen cliënten die moeilijk bereikbaar waren voor hulpverleners. Zo zijn er meer plaatsen voor ´begeleid wonen' en meer ´verpleeghuisplaatsen' in de maatschappelijke opvang.

Regie gemeenten
Om de hulp aan kwetsbare groepen beter op elkaar af te stemmen, krijgen gemeenten met de invoering van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) de regie over het beleid voor de maatschappelijke opvang. Het geld uit de AWBZ voor de Openbare Geestelijke Gezondheidszorg (OGGZ) gaat naar de Wmo. Ook de budgetten voor maatschappelijke opvang, vrouwenopvang en verslavingsbeleid worden overgeheveld naar de Wmo. De Wmo treedt op 1 juli 2006 in werking, als het parlement akkoord gaat.

Het kabinet streeft ernaar dat niemand tegen zijn wil op straat hoeft te verblijven. Het interdepartementaal beleid richt zich op: meer doorstroom in de maatschappelijke opvang, aanpakken van verloedering en overlast en meer inzicht in de activiteiten van de sector van de maatschappelijke opvang.

bron:VWS



Comments are closed.
%d bloggers liken dit: