Indische Zomer in het Museon



Tijdens de Indische Zomer in Den Haag besteedt het Museon met een tentoonstelling, bestaande uit unieke prenten uit eigen collectie, aandacht aan een wat minder bekend aspect uit de Japanse interneringskampen: amusement. Om de dagelijkse ellendige omstandigheden even te vergeten, vinden vele kampbewoners ontspanning en troost in muziek, zang, theater, cabaret of dans. De gevangenen creëerden ongelooflijk mooie optredens en hielpen zo elkaar door deze periode heen. 
 

Postma Showgroep en Wim Kan 
Zo was er bijvoorbeeld in het kamp Tjikoedapateuh een cabaret met de naam 'Pret Achter Prikkeldraad', waarvan de initialen P.A.P. weer verwezen naar de waterige ochtendpap. De Postma Showgroep in Chungkai verzorgde elke vrijdag- en zaterdagavond een voorstelling. De medewerkers werden zoveel mogelijk vrijgemaakt van werk aan de spoorbaan, wel hadden ze allemaal een volledige dagtaak in het kamp, zoals bijvoorbeeld  kampkok of masseur. En natuurlijk was er Wim Kan die voor de werkers aan de Birmaspoorweg optrad. Veel is verloren gegaan van deze optredens, maar een aantal affiches met aankondigingen van speciale revues, tekeningen en liedteksten zijn bewaard gebleven.  
 
Muziek uit de kampen 
Veel mensen verloren zich in het componeren van liederen of het uit het hoofd noteren van bestaande klassieke of populaire muziekstukken. Ook werden op bestaande melodieën nieuwe passende teksten gemaakt over het leven in het kamp. Voor de tentoonstelling Pret Achter Prikkeldraad zijn verschillende liedteksten door Wouter Muller en Frank Deiman weer tot leven gebracht.

bron:Museon



Comments are closed.
%d bloggers liken dit: